is toegevoegd aan uw favorieten.

Het boek der sporten

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

alle „goed voor hun werk zitten." Een enkele fout in den stijl is dan nog niet van zoo overwegende beteekenis. Er moet dus veel samengegroeid worden, opdat de roeiers elkander ten slotte geheel begrijpen en kennen; en niet alleen hard geroeid doch ook kalm. Een goede ploeg toch moet, zoowel hard als ook kalm roeiende, goed gaan en één geheel vormen.

Wat de andere factoren der training betreft: de tijd, waarop geroeid wordt, de duur en de frequentie der oefeningen, zoowel als de indeeling van elke oefening, hiervoor is het moeilijk vaste regels te geven; sommige roeiers zullen veel andere weinig werk moeten verrichten om in goede conditie te komen. Ook is men veelal afhankelijk van de dagelijksche bezigheden der roeiers, en moet men wat geven en nemen.

Wat de leefwijze der roeiers betreft, die hem, wat kracht en taaiheid aangaat in zoo goed mogelijke conditie brengen moet, deze onderscheidt zich niets van die welke voor andere takken van sport, waar kracht en taaiheid eveneens belangrijke factoren zijn, gevolgd moet worden.

Hij die belang stelt in den roeisport en er meer van weten wil, neme ter hand het „Nederlandsch Handboek voor Roei-Sport" door Dr. P. H. Damsté en F. E. Pels Rijcken, uitgever H. G. Bom Amsterdam, of ook „Oars and Sculls" by Walter Bradford Woodgate, Londen: George Bell and Sons, of Silberer's „Handbuch der Rudersport."

Amsterdam.

H. G. Brockmann.