is toegevoegd aan uw favorieten.

Gedenkboek van het Nederlandsch Jongelingsverbond 1853-1903

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IN het weemoeds-lied van zorgen en moeiten, dat alom uit de gevallen Schepping weenend opstijgt, zingt zonde den grondtoon.

Dr. F. E. Daubanton.

Eere, wien Eere toekomt.

„Wat denken de Heeren Staten wel," zeide Lodewijk de Veertiende eens met minachting" tot een jeugdigen gezant van nog geen achttien jaren, die Holland aan het Fransche hof kwam vertegenwoordigen, ,,wat denken de Heeren Staten wel, dat zij mij een baardeloozen knaap durven zenden maar de jonge man

antwoordde gevat en kordaat: ,,Indien de geleerdheid in den baard zat, Uwe Majesteit, dan hadden de Heeren Staten wel een geite-bok kunnen zenden .... en de konino", verbaasd, verwonderd, veranderde van toon, nam zich de gouden 01 de-keten van den hals en hing deze den jongen held om de schouders.

„Wat denken die Réveil-inannen wel," zeide niet een Roi-Soleil, geen Zonnekoning, maar zoo menig gewoon burgermensch, toen vijftig jaar geleden de Nederlandsche Jongelingsbond werd opgericht, — „wat denken die Keveil-mannen wel, dat zij mij nu van de frissche Hollandsche jongens van Hildebrand gaan maken duffe dominees en verlepte zedenmeesters!" Maar de jonge mannen hebben zich niet uit het veld laten slaan door de verbazing en minachting, waarmede aanvankelijk hun streven werd aangezien.... zij hebben geantwoord, kloek en overtuigd: „wij schamen ons het Evangelie van Jezus Christus niet!" en nu, na een halve eeuw, mogen wij een gouden eere-keten nemen en hun die in gedachte om de schouders

4

hangen.

Maxima reverentia debetur pueris. Hoeden af voor onze Hollandsche jongens, die zich den Christus niet schamen. Een catena aurea, een gouden kettingbieden wij hun aan, en wel deze, waarvan de Apostel Petrus spreekt. Hij noemt de schakels en die schakels zijn: geloof en deugd en kennis en matigheid en lijdzaamheid en godzaligheid en broederlijke liefde en liefde jegens allen. Wij voegen deze schalmen met groote dankbaarheid en sympathie harmonisch bijeen en bieden dit sieraad den Nederlandschen Jongelingsbond aan op zijn gouden jubilee. Moge God zijn arbeid en zijn invloed onder ons volk blijven zegenen.

Zandvoort, Mei 1903. G. HULSMAN.