is toegevoegd aan uw favorieten.

Van Eems tot Schelde

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hebben gevat. In dit dorp is in 1689 H. K. Poot geboren, een boerenzoon, die zonder wetenschappelijke opleiding dan op de dorpsschool, „door de natuur als met eigen handen in den schoot der zanggodinen werd nedergezet , zegt zijn levensbeschrijver. Zeker zijn vele dier rijmpjes afkomstig van den „boerenzanger", zooals hij zichzelf noemde, door zijn dorpsgenooten met bewondering aangestaard, en die door deze eenvoudige hulde de herinnering aan hun bekenden dorpsgenoot bewaren.

Nog verder westelijk zien wij in de verte het oude, reeds onder Dirk V in

1083°genoemde (Schipleden) Schipluiden verrijzen uit het groen der vlakte, een dorp, bestaande uit een frissche, breede gracht, door twee lange rijen huizen omringd en met een fraai, oud kerkje. Het was van dit dorp, dat Antonius Hambroek, toenmaals hier predikant, in 1647 naar Indië vertrok, om in 166oop het eiland Formosa, gelijk de geschiedschrijvers het uitdrukten, „als een andere Regulus vrijwillig zijn leven ten offer te brengen," daar hij zijn aan den

vijand gegeven woord niet wilde breken.

Wij passeeren het flinke dorp Overschie, ontstaan aan het punt van samenkomst der Schiearmen, waar de scheepvaartwegen van Rotterdam, Delfshaven en Schiedam landinwaarts elkander ontmoeten. Oorspronkelijk liep de >clne onvertakt naar Schiedam, dat de voorhaven van Delft vormde aan den mond der Schie en de Maas. Doch in 1340 gaf graaf Willem IV een handvest aan Rotterdam, waarbij deze stad vrijheid kreeg, om een kanaal naar de Schie te graven, teneinde hierlangs verder den Vliet te kunnen bereiken, den hoofdverkeersweg met het overige Holland. Deze nieuwe waterweg, voor Rotterdam van het grootste belang, kwam in 1348 tot stand. De plek, waar beide wateren elkander ontmoetten, werd verder bebouwd en dit was de oorsprong van het dorp Overschie.

Terwijl de Rotterdamsche en Schiedamsche armen der Schie met elkander concurreerden, wist Delft in 1389 nog het recht te verkrijgen, om een derden arm te graven van Overschie naar de buurt Schoonderloo aan de Maas. Deze loopt tusschen de beide genoemde armen in. Aan den mond bouwde het ondernemende Delft een eigen voorhaven, Delfshaven, om aldus een zeestad te worden en met Rotterdam te kunnen wedijveren. Delfshaven is dus een schepping van Delft en bleef aan deze stad behooren tot 1795.

Wanneer men het fraaie kerkgebouw van Overschie, met den artistieken toren, welke na den brand met smaak is herbouwd, gezien heeft, biedt dit dorp geen bezienswaardigheden meer aan. Van hier kan men, langs een omweg, dooi verscheidene polders nog het aanzienlijke dorp Hillegersberg bereiken, dat ten noorden van Rotterdam zoo pittoresk te midden van uitgeveende plassen

gelegen is.