is toegevoegd aan uw favorieten.

Van Eems tot Schelde

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DOOR HET NEDERLANDSCHE MAASGEBIED.

I. ALGEMEEN BEELD VAN LIMBURG EN ZIJN BEWONERS.

Wij willen dit derde deel aanvangen met eenige wandelingen door het Nederlandsche Maasgebied. Hieronder verstaan wij de gewesten, die niet alleen door onderscheidene zijstroompjes hun afwatering hebben op de rivier de Maas, maar tevens, hoezeer vroeger staatkundig versnipperd, door haar waterlijn met elkander verbonden, ten gevolge van aanraking en betrekkingen een zekere eenheid in karakter en uiterlijk hebben doen geboren worden, die in de verschillende deelen sterk in het oog valt. Dit sluit niet uit, dat er eenige landschappen bij kunnen onderscheiden worden, die in nauweren zin weer een zekere zelfstandigheid in landschapstype en bewoners hebben erlangd, als wijzigingen van het groote geheel. De staatkundige geschiedenis was hierop van grooten invloed. Als zoodanig kunnen wij het Nederlandsche Maasgebied voor onze wandelingen indeelen in Zuid-Limburg, Noord-Limburg en de Maasoevers, de Meierij van Den Bosch en het gebied van het Oude-Maasje of van den Nieuwen-Maasmond.

Het eerste gedeelte van onze wandelingen strekt zich aldus grootendeels uit over de provincie Limburg. In historisch opzicht vormt het gedeelte des lands, dat wij thans als de provincie Limburg aanduiden en dat vóór 1866 onder den titel „Hertogdom Limburg" een eigenaardige staatsrechtelijke plaats innam onder de gewesten, die het „Koningrijk der Nederlanden" samenstellen, niet één geheel. Zelfs zal men op de oude kaarten van deze landstreek schier vruchteloos zoeken naar den naam Limburg. Wel bestond er vóór de 16e eeuw een hertogdom Limburg, maar dat lag bijna geheel buiten de tegenwoordige grenzen van Nederland.

Dat hertogdom was aanvankelijk uit eenige goederen in het Vesdredal ten O. van Luik gevormd, welke Frederik van Luxemburg, hertog van Neder-Lotharingen, in de lle eeuw vermaakte aan zijn dochter Juditli, die met Wolram I, Graaf van III. 1