is toegevoegd aan uw favorieten.

Van Eems tot Schelde

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Van Gennep verder noordwaarts loopt de weg weldra langs den zuidwest-voet van de steile, boschrijke hellingen van liet Rijkswald. Daar ligt op een schilderachtig plekje, rustig in de vrije natuur, aan eenige beekjes met watervallen, die twee molens drijven, bij een tiental vischrijke vijvers of meertjes, een veel bezocht zomerliötel en uitspanning, die dikwijls van Nijmegen uit bezocht wordt, en waar men goed voor eenige dagen logeert, „de Piasmolen" genaamd.

Van hieruit kan men flinke wandelingen in het Rijkswald ondernemen. Op een half uur afstands ligt over de Maas het rijke klooster St.-Agatha der aanzienlijke Kruisheeren, met mooie tuinen.

Wij vervolgen van den Piasmolen onzen tocht ten oosten langs de Maas en passeeren het eenvoudige dorp Mook, hoog en schilderachtig gelegen aan den steilen rand der rivier, met schoone gezichten over het Maasdal. Vooral achter de Grothisclie kerk breidt zich het intiem liefelijke Brabantsche rivierlandschap uit voor den blik. Voorbij Mook, meer rechts van den weg, op de eenzame velden, doemen beelden uit het verleden op voor onzen geest.

Wie kent de Mookerheide niet,

Waar 't geestesoog de schimmen ziet

Der dappre honderdtallen,

Door de overmacht van 't Spaansch geweld,

Als garven op het korenveld,

In 's levens kracht gevallen.

Daar schitterde onverflauwde moed,

En kleurde kostbaar, edel bloed

De platgetreden velden;

En aan het hoofd der ruiterschaar Stierf daar het vorstlijlc broederpaar,

Vereend den dood der helden.

En ziet gij ginds, verscholen schier In 't groen van den en populier,

De torenspits verrijzen Van Heumens kerkje? Clio's stift Zal in Gods huis, in mannren schrift,

Op 't heldenfeit ons wijzen.

H. Mohrmann.

Wij gaan daarom een bedevaart ondernemen naar het dorp Heumcn, dicht bij den Maasoever gelegen, en betreden thans de provincie Gelderland. Heumen als dorp heeft niets merkwaardigs meer, sedert het oude „Slot te Heumen", van welks ontstaan men niets weet, en dat meermalen belegerd werd, in het eind der 18e eeuw is gesloopt. Doch wij richten ons naar het lage, grijswitte, eenvoudige bedehuis der Protestanten, met zijn slank gespitst torentje in het' lengtedorp. III. 7