is toegevoegd aan uw favorieten.

Algemeene geschiedenis

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vooral het geval met Pergamum, dat na den Syrischen oorlog tot een rijk was geworden, dat zich in beteekcnis met Macedonië en Syrië kon meten;

zijne verschillende deelen waren echter nog niet vast verbonden en de tijd om samen te groeien is hun niet gelaten. Met de omliggende rijken, Bithynië en Pontus, voerde Pergamum herhaaldelijk oorlog. Een dier oorlogen heeft den dood van Hannibal veroorzaakt. Bij den vrede, die een einde maakte aan den Syrischen oorlog, hadden de Romeinen van Antiochus de uitlevering van Hannibal geëischt; deze was toen naar Kreta gevlucht, had zich vandaar naar Bithynië begeven en bewees aan Prusias goede diensten in zijn oorlog tegen Eumenes. Flamininus trad als vredesbemiddelaar op en stelde bij deze gelegenheid denzelfden eisch, dien Scipio vroeger had laten hooren: de uitlevering van Hannibal; zoo fel was de haat der Romeinen tegen dezen hunnen grooten tegenstander. Toen Hannibal bemerkte dat Prusias hem Hannibal wilde opofferen, gaf hij zichzelf door vergift den dood, om niet in handen ' ls" der Romeinen te vallen.

Pergamum en Rhodus en de vele kleinere Staten en vrije steden in Griekenland en Klein-Azië konden op de bescherming van Rome rekenen,

zoolang zij de leiding van den Senaat volgden en niet naar grooter macht streefden dan Rome goedvond hun toe te staan. Wanneer zij zich te zamen hadden vereenigd, zou het Rome moeilijker zijn gevallen hun de wet te stellen; wanneer alle Staten van de Hellenistische wereld, ook Macedonië en Syrië en Egypte, zich nauw tegen Rome hadden verbonden, dan zou deze coalitie zeker in evenwicht hebben gehangen met de macht van Rome en waarschijnlijk het Romeinsche rijk tot hoogst bescheiden proportiën hebben kunnen terugbrengen. Maar aan zulk een coalitie is nooit ernstig gedacht;

daarvoor was er onder hen, die samen hadden moeten werken, te veel onderlinge naijver en strijd van belangen; daarvoor had Rome ook te veel schrik en ontzag onder hen verwekt; daarvoor groeide ook in alle Helleensche Staten te zeer het getal van eerzuchtige politici aan, die op Rome's wenken vlogen, omdat zij van Rome voor zichzelf voordeel verwachtten. Toch vond men ook overal oprechte Grieksche patriotten, die droomden van een algemeenen strijd van al wat Grieksch tegen al wat Romeinsch was. Tot zulk een strijd is het nooit gekomen, zelfs niet, toen Macedonië aan alle Grieken de gelegenheid bood om onder zijne leiding den kamp tegen Rome aan te gaan.

Philippus Y had zich gekrenkt gevoeld, omdat de Senaat hem voor de in den Syrischen oorlog bewezen diensten niet zoo ruim beloond had, als waarop hij meende aanspraak te kunnen maken; ook na dien oorlog beknibbelde Rome hem in zijn gebied. Toen berouwde het den trotschen koning, dat hij de zijde van Rome had gekozen; hij begon zijn leger te versterken en zijn schatkist te vullen om zich voor te bereiden voor een nieuwen oorlog. Midden in die toebereidselen overviel hem de dood. Zijn zoon Perseus volgde hem op; hij Perseusvan hernieuwde de vriendschappelijke betrekkingen met Rome, maar zette onder-