is toegevoegd aan uw favorieten.

Algemeene geschiedenis

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van liet rijk verhaast. Handel en nijverheid kwijnden; zware belastingen moesten worden geheven voor de steeds klimmende uitgaven; de voortdurende oorlogen brachten verderf en verwoesting over menige landstreek. Een steeds grooter deel der landelijke bevolking werd gevormd door de coloni, die meer en meer in een toestand van halve lijfeigenschap waren geraakt en er geen belang meer bij hadden om het lijk te helpen verdedigen tegen de aanvallen der Germanen.

En juist op het West-Romeinsche rijk beukten die aanvallen steeds geweldiger. De Germanen vonden daarbij geen Romeinsche legioenen meer tegenover zich, maar legers, grootendeels bestaande uit hun eigen stamverwanten. Al hebben deze in Romeinschen dienst getreden Germanen slechts zelden gemeene zaak gemaakt met den vijand, zij streden voor een zaak, die slechts ten deele de hunne was. Maar ontbrak in de Romeinsche legers het gevoel van eenheid met het volk, in welks dienst zij streden, ook de Germanen waren niet bezield door het gevoel van te strijden voor een gemeenschappelijke, nationale zaak. Tot de sloping van het West-Romeinsche rijk hebben bijna alle Germaansche stammen het hunne toegebracht; maar die sloping geschiedde niet naar een bepaald plan en volgens een vaste afspraak; meermalen hebben de Germanen daarbij tegen elkander strijd gevoerd, zelfs in dit voor hen beslissende tijdsgewricht hun ouden naam van onderling verdeeld te zijn handhavend.

De west- Terstond na den dood van Theodosius deden de Hunnen een inval in G°Aiarikd6rV°or"Azië en hielden de West-Goten, onder Alarik, een plundertocht, eerst door Thracië en Macedonië, vervolgens ook door Griekenland. Stilico kwam met een vloot te hulp en bracht de Goten in den Peloponnesus in het nauw; maar door tusschenkomst van Arcadius werd hun vrije aftocht verleend; hij bekleedde Alarik met het opperbevel in Illyricum, waar de Goten zich Aiarik-s inval metterwoon vestigden. Reeds in 401 echter geraakten zij weder in beweging; afgeslagen, Alarik deed een inval in Italië, maar werd door Stilico tot den terugkeer 402. gedwongen. Eenige jaren later trok een bonte zwerm van Vandalen, Alanen De inval van en Goten onder aanvoering van Radagais over de Alpen naar Italië; doch afgeslagen, ook deze inval werd door Stilico afgeslagen. Daarentegen was hij niet bij 40°• machte de Westelijke provinciën van het rijk tegen de Germanen te verdedigen ; om Italië zelf te kunnen beschermen, moest hij de grenslanden van legioenen ontblooten; aan zich zelve overgelaten en trouwens reeds lang gewoon aan een groote mate van zelfstandigheid, maakten de ver verwijderde provinciën den band los, die hen met het rijk verbond en trachtten zich zelf te redden. In Britaunië werden kort na elkaar drie tegen-keizers uitgeroepen; de laatste van hen, Constantinus, stak naar Gallië over om ook dit land onder zijne macht te brengen en voerde met geluk strijd tegen de troepen van Honorius. Geduchter vijanden voor Constantinus waren de Vandalen, Bourgondiërs, Sueven en Alanen, die in 406 den Rijn waren overgetrokken en Gallië