Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De Assassijnen.

Hassan, de Oude van den Berg.

I

]

t i

een laatsten nabloei. In dezen tijd ontwikkelde zich de beroemde kloosterrepubliek op het schiereiland Atlios, die een middelpunt werd van wetenschappelijk leven. Theologie, philosophie, grammatica en rhetorica werden hier ijverig beoefend. De studie der classieke oudheid vond in de Konmenen milde beschermers. Zelfs hebben vele leden van dit geslacht de pen ter hand genomen; de beroemdste onder hen is Anna Komnena, de dochter van Alexios I, die het leven van haar vader beschreef. Met bijzondere voorliefde werd de nationale geschiedenis behandeld. Aan Zonaras en zijn tijdgenooten danken wij kostbare bronnen voor de Romeinsche en Byzantijnsche historie. Tal van compilatiën kwamen tot stand, die al het weten der oudheid en van den nieuweren tijd bijeenbrachten; Johannes Tzetzes is de bekendste schatbewaarder geweest. Manuel bevorderde en beoefende zelf de studie der medicijnen; hij stichtte een groot ziekenhuis in zijn hoofdstad. Zoo bloeide hier nog lang een antieke, maar toch ook nationale beschaving. Alleen het leger werd hoe langer hoe meer internationaal; Engelschen, Denen, Duitschers, Turken, Serviërs, Magyaren, Italianen en Franschen dienden daarin in bonte wanorde. Ook in de administratie werden dikwijls vreemdelingen gebruikt. De privilegiën, die Manuel steeds meer aan vreemde kooplieden schonk, vergrootten het cosmopolitisch karakter der hoofdstad nog meer. Het was ook onder Manuel, dat de Grieksche marine voor het laatst haar krachten toonde. In 1169 verbond hij zich met Amalrik en zond hem een vloot van 200 schepen te hulp. Maaide Koning wist daarvan geen gebruik te maken; een aanval te land en ter zee op Damiate mislukte; de vloot werd door storm gehavend. En inmiddels rukte Saladin van Egypte uit Palaestina binnen; hij bezette Gaza. Verder ging hij echter voorloopig niet. Amalrik bleef gespaard. Maar hij had bovendien vijanden te over. Zijn gevaarlijkste tegenstanders waren de Assassijnen.

De sekte der Assassijnen is een twijg van die der Ismaelieten. Deze verwachtte nog steeds de komst van een Machdi, een opvolger van den Profeet uit het geslacht van Ali. De droevige toestand, waarin in de elfde eeuw de Mohammedaansche wereld verkeerde, verlevendigde het geloof in een gouden toekomst. Omstreeks 1070 trad in Perzië Hassan Ibn es-Ssabbach als de profeet van een nieuwe toekomst op, een man van groote bekwaamheid en energie, maar tevens van een hartstochtelijk karakter en een brandende eerzucht. Jarenlang trok hij het geheele Oosten door, predikende en bekeerende. Hij vormde een schare volgelingen om zich heen, die in zijn goddelijke roeping geloofden en hem blindelings gehoorzaamden. In 1090 consolideerde Hassan gijn geheim genootschap tot een klein staatje; hij bezette toen den burcht Alamoet in de ontoegankelijke randgebergten van de Kaspische Zee. Daar vestigde hij zijn hoofdkwartier; van daar uit beheerschte hij niet alleen zijn onmiddellijke onderdanen, maar de geheele overal verspreide sekte der [smaelieten. Dat zulk een man gezag en invloed bezat, ligt voor de hand; zijn lauhangers vlogen op zijn wenken, Voor de afschuwelijkste middelen deinsde

Sluiten