is toegevoegd aan uw favorieten.

Uit het leven en bedrijf van den heere Michiel de Ruiter, Hertog, Ridder etc., L. Admiraal-Generaal van Holland en Westfriesland

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

onder 't hooge land, God dankende voor de verlossing uit zoo grooten nood. In 't volgende jaar 1636 begaf hij zich ten tweeden male in den huwelijken staat en trouwde met Kornelia Engels van Vlissingen, met wie hij ruim veertien jaren in groote eendracht leefde en verscheidene kinderen teelde. In het jaar 1637 voer hij als Kommandeur op een van de kruisers, die door sommige koopluiden en anderen werden toegerust, om op de Duinkerkers te kruisen, vergezeld van nog een schip onder bevel van Joost van Sluis. Op dezen tocht heeft hij een schip, dat naar Oostende wou, genomen en opgezonden, en daarna nog een Hamburger lorrendrajer J) veroverd. Toen kwam er verschil onder de matrozen van de twee kruisers om den buit, het scheepsvolk van De Ruiter sloeg aan 't muiten. Zij wilden allen naar huis. Derhalve scheidden de twee schepen van elkander en de onwilligheid van De Ruiters bootsvolk nam zoo toe, dat hij zich genoodzaakt zag binnen te loopen. Maar eer hij binnen kwam, kreeg hij ter hoogte van Blankenberg een vloot van dertien Duinkerkers in 't gezicht, die recht op hem afkwamen, maar hij zette al zijn zeilen bij om 't gevaar te ontgaan en ontdonkerde z) hun in den avond, want hij verstond 8) dat het geen dapperheid maar vermetele roekeloosheid zou zijn, zich, buiten nood, met een enkel schip te willen wagen tegen een zoo ongelijke macht en bewaarde zichzelf tot een betere kans. In welke gewesten hij in de jaren 1638 en 1639 heeft gevaren, is mij, bij gebrek aan aanteekeningen, niet gebleken; maar in

') Smokkelaarsvaartuig. 2) Verdonkerenmaande zich. 8) Was van meening.