Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wenden, waar haar belang dit kan noodig maken."

„Ik wensch even ernstig als gij dat te behartigen," hernam de Prinses ongemaakt; ,,en daar gij nu terugkomt op dit onderwerp, moet ik u zeggen, dat gij meer haastig dan rechtvaardig waart in het veroordeelen van mijne keus. Ik heb ü de gelegenheid gelaten, zooveel gij goed vondt, op te geven van de beweegredenen, dio u den Graaf de Sainbertöt als schoonzoon wenschelijk maken; gij verwerpt mijne keuze, zonder eens mijne gronden daarvoor te willen hooren, en gij verzet u daartegen vooruit met eene hevigheid, die bijna wederlegt, wat gij van uwe zelfbeheersching hebt geroemd, en die inderdaad niet veel belooft voor kalme overweging en onpartijdig oordeel; wil voor het minst nu even luisteren. Er is een tijd geweest... vóór den dood der jonge Koningin, dat ik der jonge Diana eene zeer schitterende lotsbestemming had voorbereid; doch de vreemde opvoeding, die het u behaagd heeft haar te geven, de ziekte, die, volgens uw zeggen, hare schoonheid heeft verwoest, en... vergeef mij het woord, uwe misleiding omtrent den indruk van haar voorkomen, dwongen mij om mijn eerst geliefd ontwerp op te geven, en mij rest niets dan het andere. — De reden, waarom ik Graaf de Chêlais Diana's hand toedenk, is licht te verklaren. Hij is de oudste neef van mijn eersten echtgenoot, den Prins de Ch&lais, en mijn natuurlijke erfgenaam, met Lanty, mijn zusterkind, daar toch Diana nooit als het mijne kan erkend worden. Lanty, die eens Hertog de Belmonte zal zijn, zou ik misschien het eerst gekozen hebben; maar deze jonge man voedt een anderen ongelukkigen hartstocht, die deze verbintenis gansch onpassend maakt." De Camarera-Major zeide dit laatste met nedergeslagene oogen en dat halve veelbeduidende glimlachje, 't welk voor d'Aubigny geene vertolking behoefde.

Sluiten