Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

niet had gekend. „Dat spijt mij te meer," hernam Victor Amadeus, „omdat de Prinses van Parma eene ernstige reden heeft naar dien man te onderzoeken."

„Als de Prinses dat wenscht, zou ik een persoon kunnen aanwijzen, die met d'Aubigny bekend is."

„Gij moet haar dien persoon noemen, en gij kunt mijner dochter geen beteren dienst bewijzen," had de Hertog gezegd.

Dit verklaart de toenadering van Alberoni tot Elisabeth, dit het zoeken der laatste van de Sainbertöt; want Alberoni, die begreep, dat de Graaf behendig genoeg zoude zijn, om de Camarera-Major niet te verraden, noemde hem aan de Prinses. Hij had daarmede tegelijk Mevrouw Orsini gediend, die hem tot plicht had gemaakt, de Sainbertöt en Elisabeth tot elkander te brengen. De jonge Vorstin, wier geheele leven tot hier toe was geweest een verbergen van zich zelve en van hare vroegere begeerten, had intusschen niet rechtstreeks hare belangstellende vragen tot de Sainbertöt gericht — maar toen zij die eindelijk waagde, schoorvoetend en voorzichtig, had hij die zoo duister, zoo verschrikt en zoo kortaf beantwoord, dat hare omzichtigheid den lust verloor, ze hem verder te doen. De jonge Graaf had bij die ondervraging nog sterker gevreesd voor de ontdekking van zijne liefde tot Diana, dan voor die van het geheim der Camarera-Major; maar wat hem dan ook bedachtzaamheid voorschreef, het is zeker, dat hij haar oefende, en juist die terughouding overtuigde de Vorstin van Parma, dat hij veel moest hebben mede te deelen; en niet wanhopende zulks eenmaal van hem te hooren, al ware het bij toeval, bleef zij voortgaan hem eene vertrouwelijkheid te bewijzen, die evenmin waar was als onbaatzuchtig. Door te weigeren zich over Mevrouw Orsini uit te laten, hoopte zij hem uit te tergen om alles te zeggen,

Sluiten