Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gemeenschappelijke herinneringen van vrooljjken, en ook van smartelijken aard, overeenstemming in levenswijs en ook in manier van spreken, liet bewustzijn van elkaar beter te kunnen begrijpen dan den vreemde, wiens woorden gij wellicht anders opvat dan zij bedoeld zijn, en nog veel meer, wat ik kortheidshalve maar onvermeld laat.

liet is waar, dat gevoel van genegenheid spreekt niet altijd en onder alle omstandigheden even sterk bij U. Oneenigheid in den huiselijken kring komt, helaas, nu en dan wel voor, en tusschen broers en zusters zijn kleine twisten niet zeldzaam. Maar altijd worden zij spoedig weer bijgelegd, omdat men gevoelt, dat zij bijgelegd behooren te worden, en niet gaarne zoudt gij zien, dat vreemden er zich in mengden. En wanneer anderen uwe ouders, uwe broeders en zusters aanvielen, dan zoudt gij het een schande achten niet voor hen in de bres te springen, zelfs dan nog, wanneer gij met Uw verstand moest bekennen, dat de aanvallers niet geheel en al ongelijk hadden.

Een zelfde gevoel van genegenheid als voor Uwe huisgenooten hebt gij ook, zij het in misschien wat minderen graad, voor een anderen kring, waarin gij verkeert, den kring Uwer goede vrienden. Van Uwe verhouding tot hen geldt hetzelfde als van Uwe verhouding tot Uwe huisgenooten, en wanneer de tijd komt, dat gij het ouderlijk huis moet verlaten en de wijde wereld moet ingaan, dan gevoelt gij wellicht nog sterker dan ooit tevoren, hoe lief zij U waren van wie gij afscheid moet nemen; maar eenzaam leven in die groote wereld kunt gij niet en in een vriendenkring zoekt gij zooveel mogelijk vergoeding voor hetgeen gij in het ouderlijk huis

hebt verloren tot gij zelf een nieutfen huiselijken kring om

U heen kunt stichten.

Nog ruimer kring dan die Uwer vrienden is de kring Uwer stadgenooten. Voor de plaats, waar gij geboren en getogen zijt, voor de stad Uwer inwoning gevoelt gjj onwillekeurig eene zelfde soort van genegenheid, als gij het eerst in den huiselijken kring bij U zaagt ontwaken. Wordt gij in de gelegenheid gesteld iets te doen om het belang van die stad te bevorderen, gij zult het niet nalaten, gij zult zelfs meenen, dat het Uw plicht is, en gaat het haar goed, dan zijt gij trotsch op Uwe stad, alsof gij zelf aandeel hadt aan haar voorspoed. Het sterkst gevoelt gjj die genegenheid, wanneer gij 11a lange afwezigheid in Uwe geboorteplaats of vroegere woonplaats terugkeert. I11 alle oude bekenden, die gij er ontmoet, ziet gij dan Uwe vrienden; zelfs de U bekende huizen en bruggen en straten lachen U dan als 't ware vriendschappelijk en vertrouwelijk tegen. E11 daarvoor hoeft gij nog geen Amsterdammer te wezen, wien ieder het volle recht zal geven, trotsch te zijn op zijne stad. Dat alles geldt gelijkelijk van iedere stad, elk dorp. Zelfs het kleinste plaatsje op de Drentsche heide zou, als het Uwe geboorteplaats was, getuige van het lief en leed Uwer jeugd, U dierbaar blijven, levenslang, en gij zoudt alles gaarne bijeenzoeken, wat er te vinden was, 0111 te betoogen, hoeveel goeds dat plaatsje toeli

Sluiten