Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 138, 139.

de twee volgende artikelen de regels, bij art. 85, 102, 103 en 104 ten aanzien der Statengeneraal vastgesteld, over op de provinciale Staten. Zij vond ons aitikel reeds in de reglementen omtr. de zamenstell. van de Staten der prov. v. 26 August. 1814 art. 28 l.

Ieder voor zich zeiven: of, zoo als de genoemde reglementen zeiden, hoofdelijk voor zich zelve: sluit het oude stelsel buiten, toen men stemde voor het ligchaam, waardoor men was afgevaardigd; zoodat niet de stemmen van de individus, welke de vergadering uitmaakten, wierden geteld, maar vandeligchamen, die hen hadden gezonden. Men brengt niet meer de stem uit der vergadering, door welke men werd benoemd, want men is niet afgevaardigde van een bijzonderen stand of van eenig deel der provincie; men vertegenwoordigt elk de geheele provincie, en stemt naar eigen inzigt. Vergelijk op Art. 85 en 101 I bl. 235 sqq. 274 sqq.

Art. 1392. Het voorschrift der reglementen v. 26 August. 1814 art. 293, hervormd naar art. 102 en 103 der Grondwet.

Tot het nemen van eenig besluit wordt de tegenwoordigheid van meer dan de helft enz.: zie boven op Art. 102 I bl. 278. Art. 70 tweede alinea van

') Voor Vriesland art. 66.

") Art. 139. Tot het nemen van eenig besluit wordt de

vereischt d dan de helf' der leden

De beslutten worden bij volstrekte meerderheid van stemmen opgemaakt.

3) Van Vriesland art. 67.

Sluiten