Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Abt. 168, Iby.

Men zal niet twijfelen, of dit artikel en de drie voorgaande, 165, 166, 167, gelden, op grond van art. 4, evenzeer ten aanzien van den vreemdeling.

Moest ook niet het geheim der brieven onder bescherming der Grondwet worden gesteld? Gewis behoort het zoo onschendbaar te zijn als iemands woning1. De schennis door ambtenaren is strafbaar volgens art. 187 van het Strafwetboek. Maar de heiligheid van het geheim is geenszins verzekerd, zoolang de wet de ambtenaren niet aanwijst, die er verantwoordelijk voor zijn. Zij gaat ook schennis door bijzondere personen met stilzwijgen voorbij.

Art 1692. Lang vóór den ondergang der Republiek 'hadden eerst de Staten van Holland» en, op hun voorbeeld, die van Zeeland4 en van Gelderland de verbeurdverklaring van goederen afgeschaft. Het verbod, daarna in al onze Staatsregelingen uitgedrukt, werd door de Grondwet v. 1814, art. 10 d, in overeenstemming met het Besluit v. 11 Dec.1813 art. 2, op nieuw bevestigd.

Tverael Klüber, öffentl. B. d. D. B. § 444 p. 617 sq Resolutie ^er Staten van Vriesland v 7 Ju. 1672 rakende het*»£

ren der brieven voor eén geval, Charte . . gesteld

Art 169. Op geene misdaad mag ten str f 9 ) „ordende verbeurdverklaring der goederen, den schuldigen toebehoorende.

3) Besol. v. 1 Mei 1732 (Gr. Pl. b. \ I 577).

<) Besol. v. 16 Dec. 1735 (ïbid. YII 844). .

4 Besol v 15 April 1778 (Nederl. Jaarb. 1778 p. <*27 8£-)•{ Staatsregel, v. 1798 Algemeen. Begins. art. 35, v. art 80, v. 1805 art. 73, v. 1806 art. 69.

Sluiten