Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

•doende leestmenschen, stil in zichzelf gebeden opgezegd. Hij had 's morgens thuis al gebeden en in 't rijtuig had hij gebeden en nu bad hij weer. Hij dankte zijn Schepper voor den zegen en voorspoed, dien hij in zijn lang leven genoten had, voor 't geluk, dat hij aan zijn kinderen beleefde, voor 't geluk van zijn kinderen en kleinkinderen. En toen ging zijn oog naar zijn Dóvid en hij zag hoe zijn Dóvid hem óók aankeek, zijn mooie, knappe Dóvid, zijn zoon. En hem aanziende, staakte nu ook Dóvid het zingen, begon mede te prevelen het gebed, dat hij op de zachtjes bewegende lippen van den ouden man raadde, en deze twee, nu beiden eenzaam in de drukte van 't zangrumoer om hen heen, spraken dezelfde woorden in dezelfde mysterieuse taal. «De eeuwige zegene u en behoede u. De Eeuwige late u Zijn aangezicht toelichten en zij u genadig. De Eeuwige wende Zijn aangezicht u toe en verleene u den vrede. De Eeuwige is uw Behoeder, de Eeuwige is uwe schaduw, aan uwe rechterhand. Des daags deert u de zon niet noch de maan des nachts. De Eeuwige behoede u voor alle kwaad, behoede uwe ziel. De Eeuwige behoede uw uitgaan en uw inkomen, van nu af tot in eeuwigheid. Want zij verschaffen u langheid van dagen, jaren van levensgenot en tevredenheid. De Eeuwige behoede u voor alle kwaad, behoede uw ziel. Geloofd zijt Gij, Eeuwige, onze God, koning des Heelals! die ons het leven hebt verleend, ons hebt onderhouden en ons dezen tijd hebt doen bereiken.»

Toen het gezang uit was. boog David dicht naar zijn vader en zijn hoofd bij 't oor van 't mannetje:

«Is het nou zoo naar je zin vader ? . . . Ben je nou tevreden ?. . .»

Hij stak hem de hand toe, nam het dorre handje van de oude man in zijn groote, pezige, dikgeaarde hand:

«Nog honderd jaar simge, vader... Nog honderd jaar!»

En hij begon te schreien, de groote David De Leeuw.

«Dank je mijn zoon, dank je mijn jongen, 't Zal jou nooit slecht gaan . . . Jou kinderen zullen voor jou zijn, wat jij voor mij geweest bent...»

«Moeder . . . nog honderd jaren !»

Hij reikte nu zijn moeder de hand en daarna begon ook hij te eten.

Sluiten