Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Een wreede, maar pijnlijk ware naam. Want hij aasde werkelijk. Hij loerde op allen afval van de winkels, kocht alles tegen gereed geld maar lage prijzen. Hij konkelde met stelende bedienden en knechten, die hem gestolen goederen voor helersprijs overdeden. Hij kocht oud-modische goederen, monstercollecties, beschadigde voorwerpen, rommelzolder-voorraad. Als er brand was geweest, kocht hij de door brand of water beschadigde goederen op. Maar dat waren alles kleinigheden voor hem. Hij loerde op winkeliers, die achteruit gingen. Die waren als was in zijn handen. Hij leende ze geld tegen onderpand. Zijn huis van koop met recht van wederinkoop maakte het hem mogelijk heler te zijn, zonder gevaar voor wetsvervolging. Zoodra hij merkte, dat er weer een „hoofdpijn had, stond hij eiken morgen voor 's mans deur, zijn grijnzend kopje halsloos op de schouders, met zijn prevelende lippen: „Niets te verdienen voor Nauman ?"

En dan langzamerhand begonnen ze met hem vertrouwd te raken, verkochten eerst een klein partijtje winkelvoorraad. Hij bekeek het even, taxeerde, bood, legde er nog wat op en nog een kleinigheid en betaalde dadelijk. Dat was zijn groote kracht. Hij had altijd geld bij zich. Een winkelier, die honderd gulden noodig had om twaalf uur, kon om kwart voor twaalf van hem het geld nog krijgen als hij maar waar had om te verkoopen. Maar soms waren het véél grootere bedragen. Een winkelier in schoenen had hij voor een voorraad, die rui"1 vijfduizend gulden inkoop had gekost, duizend gulden contant uitbetaald een half uur na 't bod. De winkel was 's morgens om vier uur leeggedragen en 's morgens om half acht was de zaak leeg en de winkelier met zijn gezin was met de noorderzon vertrokken. Een weduwe, die een mooi zaakje in fijne passementeriën had, was in een hysterische bui verliefd geraakt op een kellner, had haar heele hebben en houwe aan Nauman voor een twintigste van de waarde a contant verkocht, had hém de huissleutel gegegeven en was toen met haar kellner naar Parijs gegaan om pot te verteren. Een achterlijke zoon van een aanzienlijke Friesche familie was, na moeders versterf te hebben ontvangen, met zijn maitresse getrouwd, die, om wat om handen te hebben, een zaak in glaswerk en kristal

Sluiten