Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geen eigendomsrecht der goederen werd overgedragen, maaide kerken met hare goederen werden geïncorporeerd, zoodat het derhalve de kerken en slechts als haar accessoiren de goederen waren, die het object der incorporatie vormden.

Tot toelichting hiervan mogen hier enkele van dergelijke acten haar plaats vinden, tot het recht begrip van welke zij opgemerkt, dat de incorporatie van kerken bij kapittelen en kloosters door het geestelijke gezag zelf geschiedde, terwijl het kerkenbezit van leeken in een schenking of bcleening door het wereldlijke gezag 2ijn grond had.

§ 3. Schenking van kerken door het geestelijke Gezag.

Den 8sten Jan. 1347 werd door Bisschop Jan van Arkel, voor zijn zaligheid en die van zijn broeder Robert en „ad spem retributionis eterne", „ad honorem sanctae trinitatis nee non corporis et sanguinis domini nostri Jhesu Christi et in augmentum cultus divini" de kapellanie van het kasteel ter Horst tot een kapittelkerk verheven x), met consent van den kapelaan dezer kapel: „capellam nostram tenore presentium in Ecclesiam collegiatam erigimus et fundamus"; wier kapittel zou bestaan uit een deken en seculiere kanunniken ten getale van zoóvelen als betamelijk konden leven („congrue sustentari") van de goederen „eiusdem ecclesiae", door den Bisschop in der tijd te bepalen; het collatierecht der kapittelprebenden werd toegekend aan den burggraaf van het kasteel („eligere, nominare" en „praesentare"), die ze evenwel niet mocht confereeren dan aan personen, die aan bepaalde vereischten van afkomst, leeftijd en lichaamsgesteldheid voldeden; welke personen dan aan den Bisschop gepresenteerd moesten worden, opdat hun door hem admissie en institutie „ad praebendas, beneficia et officia corundem" verleend werd; de deken van het kapittel zou evenwel door de kanunniken zeiven worden gekozen en eveneens den Bisschop gepresenteerd worden, „pro admissione, confirmatione et institutione" „Bona vero, predia et res, quae in presenti ipsi nove Ecclesie et eius collegio assignavimus, sunt hec.

l) Inventaris der archieven van de kapittelen en kloosters, no. i , ff. 3 sqq.

Sluiten