Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Uitspraak der medeklinkers. J

10. B eu V worden door de Spanjaarden zeer vaak verwisseld. Zij spreken de b uit zonder de lippen tegen elkaar te drukken en de v zonder de onderlip met de boventanden in aanraking te brengen (fricatieve bilabiaal). Deze tusschenklank zweemt, vooral in de levendige conversatie, nu eens meer naar b, dan weer meer naar v, zonder dat rekening gehouden wordt met de schrijfwijze. De Spaansche Academie, hoewel de verwarring afkeurend, constateert, dat in het grootste gedeelte van Spanje de uitspraak der b en die der v onderling gelijk zijn. De vreemdeling doet verstandig, de b steeds als b, de v als v uit te spreken:

beber. drinken, vivir, leven; abogado, advokaat.

11. C heeft voor e en i de uitspraak van de Engelsche scherpe TH, in ieder ander geval die van k:

faoil, gemakkelijk; difïoil, moeielijk; el oerdo, het varken; la crradura, het slot; blanco, wil; oasi, bijna; cuando, wanneer; la manteca,de boter; la cocina, de keuken; el earuioero, de slager; el comeroiant o, de koopman; la cooinera, de keukenmeid; el vecino, de buurman, de bewoner; el pontifice, de (hootje) priester.

Opmerkingen, a. De TH-klank, niet gevolgd door e ol'i

wordt voorgesteld door z:

la nariz, de neus; la paz, de vrede; la voz. de stem;

daarentegen:

narices, neuzen; paces, vreden, vooes, stemmen.

b. De k-klank gevolgd door e of i wordt in Spaansche woorden voorgesteld door qu (zie 25):

querer, willen; maquina, machine; quién, wie; quince, vijftien; quitanza, quitantie.

12. Ch klinkt als de Engelsche ch in church:

el chaleoo, het vest; las chinelas, de pantoffels; la percha, de kapstok; Chile, Chili; el ohooolate, de chocolade; chupar, zuigen.

Sluiten