Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Futuro del Subj.

Hubiëre. Tuviëre. Fuëre. Estuviëre.

hubiëres. tuviëres. fuëres. estuviëres.

hubiëre. tuviëre. fuëre. estuviëre.

hubiéremos. tuviéremos. fuéremos. estuviéremos. hubiëreis. tuviëreis. fuëreis. estuviëreis.

hubiëren. tuviëren. fuëren. estuviëren.

6. De samengestelde tijden van den Subjuntivo worden weder gevormd door middel van den Subjuntivo van het hulpwerkwoord haber, dus:

Perfecto : Haya amado, dat ik bemind hebbe. Pluscuamperfecto: Hubiëra amado, ^ ^ ^

hubiese amado, )

Futuro perfecto: Hubiere amado, dat ik zal bemind hebben.

Ejercicio 64. Ter vervoeging:

Den gelieelen Subjuntivo (Presente, Imperfecto, Perfecto, Pluscuamperfecto, Futuro y Futuro perfecto) van:

comprar, vender, recibir, viajar, corner, acudir, dejar, barrer (vegen), partir, arar (ploegen).

Ejercicio 65. Ter vertaling:

Compre, compres, comprara, comprasemos, hayas comprado, hubieran comprado, V. hubiese comprado, compraren. comprare yo, bebiere V., bebiesen, comieren, acudieran, acudieseis, acudan ellos, dependiésemos, subieran, ensenara V., resistieseis, hubiesen viajado, hubieren comido, temieras, temieres, temieses, temieron, cubriere él, aren ellos, araren, araron, araran, araran, arasen.

Laten wij reizen. Dat wij reisden. Dat zij zullen reizen, dat ik zal gereisd hebben. Dat ik ware. Dat ge haddet. Dat hij zal zijn. Dat zij schoonmaakten. Dat zij zal schoon-

Sluiten