Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

4. El (aquel) que me lo ha Hij (degene), die het mij gezegd dlcho- heeft.

La (aquella) que me ha ha- Zij (degene), die mij van u geblado de V- oproken heeft.

Los (aquellos) que vienen. Zij (degenen), die komen.

Las (aquellas) que salen. Zij (degenen), die vertrekken.

Lo (aquello) que me gusta. (Dat), wat mij behaagt.

Regel V. Het bepaling aankondigend voorn w. voor een betr. voornw. is aquel, aquella, aquellos, aquellas, aquello

Ook worden als zoodanig zeer vaak gebruikt de vormen van het lidwoord (el, la, las, los, lo). (Zie p. 131, Opm a).

Ejercicio 90. Ter vertaling :

Hij, dien ik wacht, is mijn buurman. Zij. die gij zoekt bevindt zich niet hier. Degene, van wien gij spreekt, is mijn beste vriend. Wat hij zeide (dijo), was de waarheid. Zij, die ik vergezel, zijn mijne zusters. Ziehier (he aqui) dengene. dien gij geroepen hebt. Hij, wiens zoon braaf (honrado) is, is gelukkig. Hij, die niet werkt, is minder dan e os, die ploegt. Zij, voor wie wij pleiten, zijn waardig ondersteund (socorrido) te worden. Degenen, met wie ik gereisd heb, zijn beroemde advokaten. Wat (2 de koning (i zag (vió), zal ik u zeggen (se lo diré). Mijne pennen en die, welke gij gekocht hebt, zijn goed en goedkoop (barato, -a). Ik zal u zeggen, wat ik in uw kamer gevonden heb. Dat is (het) wat ik gezegd heb. Degenen, die wij bezocht hebben, zijn onze vrienden. Ziehier, wat ik gevonden heb. Wat gij mij gezegd hebt, is waar (waarheid). Hij, die u vleit, is uw vriend niet. Degene, van wie gij spreekt, is niet hier.

5. Conjugación irregular.

Een enkele opmerking vooraf.

a. Het aantal onregelmatige ww. is in het Spaansch vrij

Sluiten