Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

derd. Zou het donderen? Ik geloof niet dat het dondert (subj.). Zij malen. Wij malen niet, Laten wij dit koren (el trigo) malen. Het beweegt zich. Het beweegt zich niet. Zij besluiten terug te keeren. De meisjes naaien hemden. Wat (cómo) hoest u ! Laten wij loopen. Verbergt u. Ondersteun de ongelukkigen. Ik pleeg iederen dag eenige uren te spelen. Wij hebben besloten. Zij zijn teruggekeerd. Wij hadden besloten. Zij zullen teruggekeerd zijn. Waarom zouden wij teruggekeerd zijn? Wat hebt gij besloten?

Vocabulario.

Semejante, dergelijk. Acordarse de (Cl. II), zich

semejante cosa, iets dergelijks. herinneren.

la ignorancia, de onwetend- demostrar, (Cl. II), aantoonen.

heid. sonar (Cl. II), droomen. la presunción, de aamatiging. desconsolarse (Cl. II), diep el sepulcro, hel graf. bedroefd zijn.

la ilusión, de illusie. aprobar (Cl. II), goedkeuren.

la existencia, het bestaan. desaprobar (Cl. II), afkeuren. el deudor, de schuldenaar. probar, (Cl. II), beproeven, op la promesa, de belofte. de proef stellen

la letra de cambio, de wissel, contar con (Cl. II), rekenen op. el cartero, de brievenbesteller, fundar, gronden, grondvesten. la tarjeta postal, de briefkaart, ejecutar, uitvoiren. la tarjeta postal) de prentbrief- adivinar, raden.

ilustrada, ) kaart. acostumbrarse, zich gewennen.

la desgracia,. het ongeluk. efectuar, uitvoeren. la maquina, de machine. permanecer, blijven. el premio, de prijs. costar (Cl. II) mucho, moei¬

te exposición universal, de lijk rallen.

wereldtentoonstelling. oler (Cl. II) a quemado, aanel trigo, het koren. gebrand rieken.

Sluiten