Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

W ie siddert niet dikwijls onder dat nog meer bedenkelijke teeken van zijn onvolkomenheid, zijn gebrek aan geestelijke kracht, zijn machteloosheid tegenover de zonde? Maar nu verstaat hij beiden : de leemte in zijn leven, en de machteloosheid van zijn wil. Hij beseft dat, even als ieder andere kracht, de geestelijke kracht is begrepen in de omgeving. Hier vindt hij ten laatste de wortelen van alle menschelijke broosheid, ledigheid, nietigheid, zonde. Daarom luidt het: „Zonder mij kunt gij niets doen." Krachteloosheid is de normale toestand, niet alleen van dit — maar van ieder

organisme — van ieder organisme, dat gescheiden is van zijne omgeving.

De volkomen afhankelijkheid der ziel van God is niet een excepti oneele verborgenheid, evenmin als de machteloosheid van den mensch willekeurig is en staat op zich zelf. Het is de wet van de geheele natuur. De geestelijke mensch wordt niet geplaatst boven den natuurlijken. Hij wordt niet opzettelijk met bijzondere beperkingen, of ongewone onvatbaarheden bezwaard en omringd. God heeft niet met opzet het godsdienstige leven zoo bezwarend mogelijk gemaakt. Wanneer de menschen in hun uren van ongeloof hun Schepper aanklagen, omdat hij de menschelijke zwakheid als een hinderpaal heeft geplaatst op den weg tot hun hoogste ontwikkeling, dan is hun protest gericht tegen de orde der natuur. Zij verwijten de zon, dat zij de bron van alle kracht is en niet een werktuig, en zij verwijten het koolzuur, dat het is in de lucht en niet in planten. Zij zouden elk organisme afzonderlijk willen toerusten met een afzonderlijken dampkring, en elk brein met een bijzondere hoeveelheid van denkkracht; zij zouden koorn willen doen groeien binnen in ons lichaam, en brood bereiden door een speciaal toestel in onze verteringsorganen. Zij zouden eigenlijk het schepsel willen veranderen in den Schepper. Het organisme moet öf afhangen van zijn omgeving, öf zich zelf genoeg wezen. Maar wie zal niet de beschikking prijzen moeten, waardoor de mensch in zijn leven op aarde onafgebroken toegang heeft tot een oneindige macht ? Welke ziel zal liever trachten haar eigen licht te zijn. wanneer zij weet, dat „de Heere God een z o n is." Wie zal niet gaarne zijn schamel drinkvat inwisselen tegen

Sluiten