Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Toelichtingen. Art. 78. Waar het ontbindingsrecht de strekking heeft, een beroep te doen op het volk, behoort met de ontbinding der Eerste Kamer onder alle omstandigheden noodwendig eene ontbinding der Staten gepaard te gaan: vandaar de redactie van het eerste lid van het artikel.

Met het oog op art. 52 der Provinciale Wet, luidende: »Die ophoudt lid der Staten te zijn, houdt tevens op lid der Gedeputeerde Staten te wezen", scheen het onnoodig, in het voorgestelde art. 73 van de Gedeputeerde Staten melding te maken.

Wanneer wij wijziging van art. 127 der Grondwet niet voorstellen, is dit geenszins te beschouwen in dien zin, als zouden wij de beperkingen, aldaar ten aanzien van het actief kiesrecht voor de Provinciale Staten gesteld, goedkeuren. Het algemeen kiesrecht, dat wij blijkens een ander deel van ons rapport voor de keuze der Tweede Kamerleden wenschelijk achten, zouden wij ook voor de Provinciale Staten en gemeenteraden willen aangenomen zien. Beschouwingen te dezer zake meenen wij echter, als buiten onze opdracht liggende, achterwege te moeten laten.

In de Provinciale Wet wordt tusschen de paragraphen 3 en 4 van het Tweede Hoofdstuk een nieuwe paragraaf ingevoegd, luidende als volgt:

§ 3a. Van de ontbinding der Staten.

Art. 26a. De ontbinding der Staten, ingevolge art. 73 der Grondwet, treedt niet eerder in werking dan ten dage, dat de nieuwe Staten samenkomen, met dien verstande, dat de Gedeputeerde Staten hunne werkzaamheden blijven waarnemen tot den dag, waarop de nieuwe Gedeputeerde Staten verkozen zijn.

Sluiten