Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

b. De juistheid moet blijken, doordat bij volle belading, na omzetting der gewichten, de punt der tong of naald geen grooter verschil met den vorigen evenwichtstoestand aanwijst dan 0,5 millimeter per decimeter lengte van de tong of naald.

c. De bestendigheid moet blijken, doordat de balans, onbeladen of beladen, in schommeling gebracht, met langzaam regelmatig kleiner wordende schommelingen tot den evenwichtstoestand terugkeert, en het verschil tusschen eenige achtereenvolgende evenwichtstoestanden van de punt der naald niet meer bedraagt dan 0,5 millimeter per decimeter lengte van de tong of naald.

13. Het gewicht der druppels van vloeistoffen wordt bepaald met den druppelteller, aangenomen in de Internationale Conferentie voor de unificatie der sterkwerkendë geneesmiddelen. De uitvloeiopening der druppelbuis, met een middellijn van 0,6 millimeter, is gelegen in het midden eener cirkelvormige afdruppelvlakte, waarvan de middellijn 3 millimeter bedraagt. 20 druppels water, bij 15°, met dit toestel gedruppeld, wegen 1 gram.

14. Bij het voorschrijven van vloeibare geneesmiddelvormen wordt den geneeskunstoefenaren aanbevolen, de dosis in kubieke centimeter op te geven en zich zooveel mogelijk te onthouden van het doseeren bij lepels. Waar dit echter niet mogelijk is, rekene men den inhoud der lepels als volgt:

1 Eetlepel = 15 cM?

1 Dessert- of Paplepel = 8 cM?

1 Theelepel = 3 cM?

Sluiten