Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De oplossing van 1 G. in 10 cM? water moet helder, kleurloos en neutraal of slechts zoo zwak alkalisch zijn, dat de alkalische reactie door V10 cM? N. zuur verdwijnt.

De oplossing in water (1 = 20) mag door zwavelwaterstof, door zwavelammonium, door ammoniumoxalaat en door verdund zwavelzuur niet van uiterlijk veranderen.

De oplossing in water (1 = 50) moet, na door verdund salpeterzuur zuur gemaakt te zijn, met zilvernitraat en met baryumnitraat minstens 5 minuten helder blijven.

Door zwavelzuur mag Kaliumacetaat niet opbruisen en niet gekleurd worden.

Met behulp van ongebluschte kalk te bewaren.

Acetas plumbicus. Loodacetaat.

Saccharuiii Saturui.

Loodsuiker.

(CH3.COO)oPb.3H„0.

Kleurlooze, doorschijnende, monokline kristallen, vaak eenigszins verweerd aan de oppervlakte, met zoeten, daarna samentrekkenden smaak. Loodacetaat is in 2,4 deelen water oplosbaar. Deze oplossing reageert zuur.

Bij verwarming verliest Loodacetaat eerst kristalwater en smelt dan onder ontwikkeling van azijnzuur; bij sterkere verhitting wordt het ontleed onder ontwikkeling van kooldioxyde en aceton en laat ten slotte een oranjekleurige ascli achter van loodoxyde, gemengd met-fijn verdeeld metallisch lood.

De oplossing in water (1 = 20) is helder of licht troebel; zij geeft met kaliumbichromaat een geel neerslag, dat gemak-

Sluiten