Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

fijn overlangs gerimpeld; dikwijls met dwarse spleten, tot 1 cM. van elkaar verwijderd, nooit over de geheele breedte van den bast doorloopend, recht of in den vorm van een gebroken lijn, scherp en ondiep ; kleur bruingrijs met onregelmatige, lichtgrijze plekken; hier en daar bezet met vrij groote korstmossen, maar ook met kleinere en met vruchtlichamen van zwammen. Inwendig oppervlak fijn overlangs gerimpeld, hier en daar overlangs gespleten, helderbruin. Dwarse breuk, vooral van het binnenste gedeelte, splinterig-vezelig, lichtbruin. Op de overlangsche breuk talrijke, zeer fijne, witte stipjes en ook glinsterende strepen.

Kinabast wordt ook aangevoerd in stukjes, als zoogenaamde snitsels en snippers en mag in dezen vorm gebruikt worden, mits vrij van stof en vuil.

Microscopie van het poeder. Vezels, lengte :M = 922,5/u., Q 120 breedte: M — 68,1 [t,Q— 10,4gewoonlijk met spitse uiteinden; wand zeer sterk verdikt, ongekleurd of licht-bruingeel, met vrij talrijke stippelkanalen en duidelijke lagen, celholte gering; ook bundeltjes uit weinige vezels bestaande. Parenchymcellen, meer of minder langwerpig van vorm, grootendeels met bruine, maar ook wel met kleurlooze wanden; enkele geheel gevuld met fijn kristalgruis, andere met eenig zetmeel. Kurkcellen, 5- tot 6-hoekig, overigens zeer veel op de parenchymcellen met bruine wanden gelijkend. Weinig zetmeel; korrels, meestal enkelvoudig, tot 21 [& in middellijn, ongeveer kogelrond met centraal kernvlekje; ook enkele samengestelde, 2- tot 4-adelphische. Sclerenchymcellen met stompe uiteinden in Succirubrabast niet aanwezig. In zwavelzuur van 66 pet. of zoutzuur worden de dikwandige vezels binnen een paar uren meer of minder sterk karmijnrood gekleurd.

Wordt een stukje Kinabast verhit in een aan het eene uiteinde gesloten glazen buisje, dan zet zich daarin een karmijnrood teer af.

Sluiten