Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

stond sterk geel en wordt bij verhitting, onder ontwikkeling van aan de lucht ontvlammend phosphorwaterstofgas, ontleed.

De oplossing in water (1 = 20) geeft met zilvernitraat een wit neerslag, dat spoedig bruin en daarna zwart wordt.

1 G. Natriumhypophosphiet moet met 1 G. wijnsteenzuur en 5 cM? water een heldere oplossing geven.

De oplossing in water (1 = 2) moet neutraal of zwak alkalisch reageeren, mag met salpeterzuur niet opbruisen en door natriumcarbonaat en door magnesiamixtuur niet troebel worden.

De met zoutzuur zuur gemaakte oplossing in water (1 = 20) mag door zwavelwaterstof niet van uiterlijk veranderen.

De oplossing in water (1 = 100) mag door baryumnitraat en door loodacetaat niet terstond troebel worden.

\\ ordt 5 cM? dezer oplossing met 3 druppels zilvernitraat en 1 cM? salpeterzuur gemengd, dan moet het aanvankelijk witte, dan bruine en ten slotte grijszwarte neerslag bij verwarming geheel oplossen of mag er ten hoogste een geringe, witte opalescentie overblijven.

Wordt 100 mG. Natriumhypophosphiet in 10 cM? water opgelost en de oplossing met 10 cM? zwavelzuur en 40 cM?

io kaliumpermanganaat gedurende 10 minuten gekookt, dan mag de vloeistof ten hoogste 3 cM? V10 N. oxaalzuur ter ontkleuring vereischen.

Met behulp van ongebluschte kalk te bewaren.

I n f u s a.

Aftreksels.

De bereiding der Aftreksels geschiedt, tenzij anders is voorgeschreven, door de, zoo noodig, meer of minder fijn verdeelde grondstoffen, bij voorkeur in een porseleinen of steenen pan

Sluiten