Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gronden; de demonstratieve of eigenlijk wijsgeerige. Nu, de eerste spreekt in beelden en tot het volk: dit is de methode van den Koran, het boek van Gods openbaring. De tweede ontsluiert den zin, dofch maar eenigermate en door waarschijnlijkheidsredenen, en richt zich tot de ontwikkelden. De derde schenkt de volle waarheid door klaarblijkelijke redenen en behoort alleen bij de kleine schare der wijzen; maar dezen, hoewel den verborgen zin van den Koran kennend, mogen dien evenmin aan het volk openbaren als een arts aan zijne zieken het waarom hunner ziekte en de geneesmiddelen openbaart (1).

Hier treffen wij de leuzen, die, hoe veelvormig ook, éen gedachte verbergen.

De vraag was deze: welke plaats neemt de wijsbegeerte in tegenover de openbaring, tegenover den Islam of Mozes. Het antwoord luidde:

De geopenbaarde leer spreekt in beelden, zij bevat de omwikkelde vrucht, zij is de gesloten parelschelp. Die ruwere schijn voldoet het volk, de wijsgeer onthult de beelden, ontbolstert de vrucht, rooft de parel uit de geopende schelp. Zoo geraakte men tot allerlei anti-mohammedaansche en anti-mozaïsche leeringen en noemde dit in officieele taal den dieperen of hoogeren oi verholen zin van den Islam of van het oude Verbond. Alfarabi, Avicenna en Averroës herhaalden, dat zij de diepe wetenschap der aanschouwelijke beeldspraak uitvorschten; Gazali, dat hij zich boven de duistere zinnebeelden tot de helderheid der beschouwing verhief; Maimonides, dat hij door den cabbalistischen vorm tot den rijken inhoud doordrong. Zonneklaar redt zich het arabisch Aristotelisme met zijn beelden en diepere wetenschap, het Soefisme met zijn duistere voorstellingen en de heldere beschouwing zijner mystiek, het aristotelisch Jodendom met zijn Cabbala en verholen schriftuursin door een kunstgreep uit de ongelegenheid. Want meer dan een kunstgreep was deze oplossing van het vraagstuk over de verhouding tusschen geloof en rede onder geen enkel opzicht, daar alles, in gewone spreektaal weergegeven, deze éénige stelling bevat: de wijs-

(i) Ten onrechte ontkent Miguel Asin y Palacios in zijn El Averroismo teológico de Santo Tomds de Aquina dit rationalisme van Averroës en ziet hij aangaande de leer over de verhouding van geloof en rede zelfs belangrijke overeenkomst tusschen Averroës en den Aquiner. Vgl. P. Getino, El Averroismo teológico di S. Tomas de Aquino (1906).

Sluiten