Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

of eens enkelen berusten, en goed of kwaad geregeld zijn: goed, wanneer het algemeen welzijn, kwaad, wanneer louter het bijzonder belang der bestuurders beoogd wordt. In het eerste geval heeten de drie aangewezen regeeringsvormen republiek, aristocratie en koningschap; misbruikt dragen zij den naam van democratie, oligarchie en tyrannie (1). De monarchie schijnt voor het welzijn des volks de veiligste regeeringsvorm, doch ontaard, wordt het de hevigste ramp (2); derhalve waarborge men het éénhoofdig bestuur door deze drie veiligheidsmaatregelen: men verheffe tot monarch een man, die reden tot vertrouwen geeft, dat hij niet zijn bijzonder, maar het algemeen welzijn zal zoeken; men schikke het rijksbestuur zoo, dat den vorst de gelegenheid tot dwingelandij ontnomen worde; men tempere zijn macht genoegzaam, dat hij niet licht tot dwingelandij kan overslaan (3). Sluipt de dwingelandij ondanks deze voorzorgen op den troon, men wachte van geen sluipmoord heil, noch trede eigenmachtig tegen tyrannen op; wel is het geoorloofd in de tusschenkomst eener hoogere publieke macht, zoo deze bestaat, redding te zoeken. Is het juk dragelijk, dan zij men liever voor eene wijle duldzaam, dan dat men zich blootstelle aan zoo vele gevaren, als met het optreden tegen dwingelanden verbonden zijn. Bij zwaren dwang herinnere men zich met'de eerste Christenen Sint-Petrus' vermaning, dat men ook aan de harde heeren gehoorzamen moet; men vertrouwe op God, die de harten der koningen in zijne hand heeft; men onthoude zich van zonden, opdat Hij de plage des dwingelands doe wijken (4).

(1) De regimine Principum, I, I.

(2) De reg. Princ. I, 2—6.

(3) I, 6. — Primum autem est necessarium ut talis conditionis homo ab illis ad quos hoe spectat officium, promoveatur in regem, quod non sit probabile

in tyrannidem declinare Deinde sic disponenda est regni gubernatio, ut

regi jam instituto tyrannidis subtrahatur occasio. Simul etiam sic ejus temperetur potestas, ut in tyrannidem de facili declinare non possit. — De hier aangeduide leer vond hare meer voltooide uitdrukking in de theologische Summa I. II, quaestio 105, toegelicht door I. II, quaestio 97, I.

(4) Esset autem hoe multitudini periculosum, et ejus rectoribus, si privata praesumptione aliqui attentarent praesidentium necem etiam tyrannorum. — Videtur autem magis contra tyrannorum saevitiam non privata praesumptione aliquoruin, sed auctoritate publica procedendum. — Docet enim nos Petrus non bonis tantum et modestis, verum etiam dyscolis dominisreverenter subditos esse. Haec est enim gratia, si propter conscientiam Dei sustineat quis tristitias

Sluiten