Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den kwetst. Daarover te waken is een onverjaarbaar recht der Kerk. Het kerkelijk standpunt neemt in het Oostenrijksche konkordaat van 1855 deze plaats in: „Art. 5. De bisschoppen leiden krachtens hun herderlijk ambt de godsdienstige opvoeding in alle openbare en niet-openbare scholen, zij waken er zorgvuldig over, dat bij geen onderwerp van onderwijs zich iets voordoet, wat in tegenspraak is met den Katholieken godsdienst. Art. 7. In de voor de Katholieke jeugd bestemde gymnasia en 'middelbare scholen worden slechts Katholieken tot professoren en onderwijzers benoemd. Art. 8. De volksschoolonderwijzers in de Katholieke scholen zijn ondergeschikt aan het kerkelijk toezicht. De diocesaan-schoolhoofdopzieners benoemt de keizer uit de door den diocesaan-bisschop voorgedragenen".

Katholieke leer: Natuurlijk de bisschoppelijke seminariën uitgenomen, kan en moet ook het geheele bestuur der openbare scholen in welke de jeugd van een Christenstaat onderwezen wordt, niet uitsluitend aan het burgerlijk gezag toegekend worden, en wel niet zoo worden toegekend, dat aan g;een ander gezag hoegenaamd, eenig recht toekome om zich in de schoollucht, in het leiden der studiën, in het verleenen van graden, in de keuze of goedkeuring der leeraars te mengen.

46. Syllabus-stelling: „Ja zelfs in de seminariën voor geestelijken is de te volgen inrichting der studiën aan het burgerlijk gezag onderworpen".

De theologische inrichting valt onder de bevoegdheid der theologen, niet der staatslieden, die toch meestal leeken zijn.

474

Sluiten