Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Een andere dwaling vinden wij bij de deterministen, bij hen, die de vrijheid van den wil loochenen. Zij denken aan noodzakelijk werkende wetten, in alles gelijk aan de physische wetten, die de geheele natuur in hare niet-vrije handelingen beheerschen. De mensch, volgens hen immers zonder vrijheid, is slechts aan dergelijke wetten onderworpen. Hij is een natuurproduct gelijk elk ander, en de studie van zijn leven ook als zedelijk wezen hoort eigenlijk thuis bij de zoölogie. In dien geest bestudeert de determinist de menschelijke maatschappij ; hij doet daarop zijne waarnemingen op gelijke wijze als de zoöloog op een mierennest; en evenals de physicus handelt tegenover de redelooze natuur, zoekt hij door zuivere empirie de wetten op te sporen en in formules te zetten, die de maatschappelijke orde met noodzakelijkheid beheerschen; en dit noemt hij natuurwetten.

Van het christelijk standpunt gezien is dit eene ongerijmdheid. Wel moeten wij aannemen het bestaan van economische wetten, die een standvastige wijze van handelen uitdrukken; maar die zijn geheel verschillend van de natuurlijke zedenwet, waarvan wij hier spreken. (Zie onder n°. lfi).

6. Wij stellen voorop, dat de wil van den mensch vrij is. Maar gelijk wij zeiden (n°. 2), wij verstaan dat alleen van zijne physische vrijheid: hij kan naar vrije keuze handelen of niet handelen, zoo en anders handelen. Doch zedelijke vrijheid heeft hij niet in alles: hij mar/ niet altijd handelen naar vrije keuze. De vrijheid nemen wij aan, maar verwerpen de bandeloosheid. Inderdaad, mocht de

Sluiten