Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

inwoning genieten tegen betaling van een schraal kostgeld, en dat dan de ouders dikwijls nog blijde zijn hun eigen kinderen en geen wild vreemden in den kost te hebben.

187. 3". l)e I '"erzekeriuy.

Wat den arbeider tot proletariër verlaagt, is vooral de onzekerheid van zijn bestaan. Dit drukt hem meer dan de geringheid zijner verdienste. In onzen tijd kan een arbeider een behoorlijk loon verdienen, daarbij ijverig en spaarzaam en oppassend zijn, en toch verzekert hem dat geen standvastig bestaan. Een ziekte, een ongeval, zoo licht op te loopen in de moderne industrie, maakt hem en zijn gezin armlastig. En als alles gezegend gaat, wacht hem nog een onverzorgde oude dag. Het gaat niet aan voor dergelijke gevallen de liefdadigheid te doen optreden. Een geheele stand mag niet aldus afhankelijk zijn. De liefdadigheid trede op in geheel bijzondere omstandigheden. Maar die onzekerheid van het bestaan is een algemeene toestand. Het middel daartegen is de verzekering, die daarom in de tegenwoordige maatschappelijke verhoudingen noodzakelijk is. Door zijne stelling zelve in de maatschappij is het leven des arbeiders af hankelijk van zijn arbeid. Maar dan moet zijn arbeid ook voorzien in de behoeften van zijn gansche leven, geheel abnormale omstandigheden erbuiten gelaten. Gelijk hij zijn volle werkkrachten besteedt aan de industrie, zoo moet hij ook van de industrie leven, en dat niet alleen zoolang hij nog arbeid kan leveren, maar ook wanneer hij in de industrie zijne krachten verloren heeft.

Sluiten