is toegevoegd aan uw favorieten.

Over phasen, zwevingen en klankaard

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

I II ill IV V

; i i

, rr A ■ Zwev.

</= Tonen , "

i c'rhyth-

a' mus

, 2</-A

I iil A A A

l örf »*

2ö6 4</—A A ''A 3A

J '6J

f *

1 W 2 £ 2A 2A » 3</—£ '

I II III IV V

I 4'a Zwev. f/— i Tonen ?a j ,

t'A rliyth-

a'A mus

6(/—A ! i hl A *A *A

li Ir/ |

| M

lü() 7 e/—a A 3A 3A jllrf

I 61/

I 7 d A A A

II'/—A

Is (lus bijv. t/ = 100 en de drieklank ö d: (7 d — £): 11 d, dan is de proef gedaan met Appiinn's resonantiestemvorken van 600, 700 en 1100 trillingen [ter secunde, terwijl de stemvork 700 een

weinig te laag gestemd was.

In kolom II vindt men de tonen, uitgedrukt in de eenvoudigste verhoudingsgetallen, vermenigvuldigd met </. Welke toon bij elke proef ontstemd was, is in deze kolom meteen te zien.

Kolom III geeft den rhythmus <j A, dus dien van het periodieke optreden van eenzelfde stel ph<u*mi, kolom I\ dien \an het periodieke optreden van eenzelfde stel phnseverschillen.

Ten slotte geeft kolom V den rhythmus, waarin de zwevingen van eiken drieklank, bij ontstemming van een bepaalden toon, bij

de proef gehoord werden.

De tabel toont ons nu, dat de gehoorde zwevingsrhythmus (kolom V) in alle tweeënveertig proeven volkomen overeenstemt met den rhythmus van den periodieken terugkeer van eenzelfde stel p/xisere,'schillen (kolom IV). Met dien van den periodieken terugkeer van eenzelfde stel phaxtn (kolom 111) strookt hij echtei slechts bij twee drieklanken, nl. 2:3:4 en 4:5:6. Hij deze keeren dan ook eenzelfde phasentoestand en eenzelfde phasenverschiltoestand in een en denzelfden rhythmus terug.