is toegevoegd aan uw favorieten.

Vloeiende mengkristallen bij binaire stelsels

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Een eerste voorbeeld werd door Boekk ') gevonden bij het stelsel Na2 Mo04 + Na., WO,.

Door toevoeging van het p-azoxyphenetol wordt het smeltpunt van het azophenetol verlaagd, terwijl zich vaste mengkristallen, de p-vorm, afscheiden. Hetzelfde heeft plaats met het p-azoxyphenetol, waar vloeiende mengkristallen, a-kristallen, gevormd worden. De stollijnen vormen twee krommen, die in een eutectisch punt samenkomen. De en /3-kristallen zijn niet isomorph. De isodimorphe mengkristallen gaan bij verlaging van temperatuur over in eene continue rij /3-kristallen.

De p-kristallen zullen vermoedelijk bij nog lagere temperatuur in eene rij ^-kristallen overgaan, daar het zuivere p-azophenetol bij 93.7° van de roode in de gele modificatie omslaat, welke overgang met eene volumencontractie en uiteenvallen tot eene poedervormige massa der stof vergezeld gaat. Bij de verschillende mengsels werd dit verschijnsel steeds waargenomen, doch verder niet bestudeerd.

Terwijl dus bij hoog procentgehalte van p-azoxyphenetol de «-kristallen in verhouding van enantiotropie tot de p-kristallen voorkomen, staan zij bij mengsels met minder dan 18 % 'n verhouding der monotropie. Het gelukte mij inderdaad bij microscopische proeven het bestaan der metastabiele «-kristallen te constateeren.

Uit de figuur is te lezen, dat wij boven de lijnen B D en D E homogene mengsels van isotrope vloeistof hebben.

i) Dissertatie Amsterdam (1906).