Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

optreedt, vind ik slechts bij enkele schrijvers vermeld, n.1. door Berthold, Sypkens en Ga r dn er.

Zo beweerde Berthold1), dat men de spoel en de verbindingsdraden als geheel verschillende dingen moest beschouwen. Hij had n.1. waargenomen, dat bij Fritïllaria de spoeldraden in de equator waren afgebroken; de celplaat zou volgens hem in later, onafhankelik van de spoel, optredende draden worden gevormd Deze opvatting werd door Zacharias2) bestreden — die er op wees, dat Strasburger reeds zulk afgebroken zijn van de primaire verbindingsdraden had verklaard, als gevolg van de fixering — en is in strijd met de waarnemingen van Strasburger, Went e. a. aan hetzelfde objekt gedaan.

Sypkens3) zag in zijn preparaten van de worteltop van Vicia faba celdelingsfiguren, waarin de verbindingsdraden — of het primaire of secundaire of beide waren, zegt de Schrijver niet — in het equatoriale vlak afgebroken waren: in de equator tekende hij een ongekleurde witte lijn (Fig. 24, Taf. VI). In Fig 25 beeldde hij een verder gevorderd stadium van deling af, waarin zich in de equator een dun laagje protoplasma bevond; aan de éne zijde hiervan waren nog overblijfselen van de verbindingsdraden zichtbaar; equatoriale verdikkingen van de verbindingsdraden had hij ook niet gezien. Sypkens konkludeert uit een en ander, dat de verbindingsdraden in het cytoplasma worden opgenomen, zonder een functie bij de celwandvorming te hebben vervuld.

Grote overeenkomst met de opvatting van Sypkens,

') G. Berthold. Zur Frage der Kern- und Zelltheilung, Bot. Zeit. 46, 1888, kol. 155.

2) Zacharias. Ueb. Strasburger's Schrift „Kern- und Zelltheilung im Pflanzenreiche." Jena 1888. Bot. Zeit., 1888, kol. 450.

3) Sypkens, 1. c. pag. 42 en 50.

Sluiten