Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

fibrils, which connect the daughter-nuclei in this division persist and increase in numbers . . .

Welke is nu de oorsprong van de secundaire verbindingsdraden?

Volgens Sypkens1) wordt tans vrij algemeen aangenomen, dat de spoel uit het cytoplasma ontstaat. Dit is dan natuurlik ook het geval met het gehele systeem van verbindingsdraden en deze opvatting wordt, voor zover mij bekend, ook algemeen gehuldigd. Een andere vraag is echter: hoe stellen Strasburger en anderen zich het wordingsproces van de secundaire verbindingsdraden voor? Het is doelmatig, dat we bij beantwoording van deze vraag onderscheid maken tussen die secundaire verbindingsdraden welke vóór en die, welke na het verschijnen van de eerste celplaatelementen optreden. Beschouwen we eerst de eerstgenoemde.

Strasburger2) vermeldt in 1880 daarover het volgende: „Die wenigen Faden, welche zwischen den aus einander weichenden Kernplattenhelften schliesslich zurückbleiben, und auf Spindelfasern zurückzuführen sind, werden gestreckt und durch Einlagerung neuen Zellplasmas, das sich gleich ihnen fadenförmig differenzirt, in ihrer Zahl vermehrt." In 18883) bespreekt Strasburger o.a. de deling van de endospermcellen bij FritiUaria imperialis en geeft ook nu een indringen van het cytoplasma tussen de primaire verbindingsdraden op, welk cytoplasma zich dan omvormt tot de secundaire verbindingsdraden.

Flemming4) vond dit onwaarschijnlik. Ook Zacharias5) kwam er tegen op. De laatste beweert o.a. (1. c.

1) 1. c. pag. 49.

2) Strasburger. Zellb. u. Zellth., 1880, pag. 341.

3) Strasburger. Ueb. Kern-uml Zelltheilung irn Pflanzenreich. Hist. Beitr., Heft I, 1888, pag. 158—162.

4) Vgl. Strasburger, Hist. Beitr. I, pag. 167.

5) Zaoharias. Bot. Zeit., 1888, kol. 38 en 453.

Sluiten