Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

In mijn preparaten vond ik dikwijls liet geval, dat e'én of beide dochterkernen door een ongekleurde, zeer smalle zone van liet verbindingsdradencomplex waren gescheiden, hetwelk wellicht een gevolg was van de fixering of van het snijden. De beantwoording van de vraag, hoe zich de kernmembraan vormt en hoe de rustende kern, wat betreft zijn chromatiese bestanddelen, zich reconstitueert, bood te grote moeilikheden aan, zoowel bij de deling deigewone cellen als bij die van de stoma-initiaal.

Ik ga tans over tot de behandeling van de:

Vorming van de stomamoedereelwand.

Reeds vroeg zijn de epidermiscellen, welke de stomamoedercel zullen afscheiden (de stoma-initialen dus) gekenmerkt door een buiging van hun buitenwand convex naar buiten.Op de dwarse doorsneden vond ik talrijke malen asterstadia, waarbij de schuine richting van de kernplaat geheel overeenstemde met die van de equatoriale celplaat bij de stomamoedercelwandvorming en ook de buitenwand sterk naar buiten uitpuilde.

Ik aarzel dan ook niet de genoemde asterstadia te brengen tot de delingsstadia van een stoma-initiaal. Hetzelfde geldt van een verder gevorderd stadium, door mij afgebeeld in fig. 6 op dwarse doorsnede, waarbij de celplaat reeds lang is opgetreden; de dochterkernen vormen compacte massa s, donkergekleurd, met hier en daar vrij uitstekende chiomosomen-uiteinden. Fig. 7 vertoont een eindstadium; de celplaat is hier ook aan de polaire zijde van de jonge stomamoedercelkern reeds voltooid, doch heel duidelik vertoont het cytoplasma op de aangeduide plaats nog de kleur en de draderige struktuur, waardoor het verbindings-

l) Het genoemde is in strijd met de bewering van H au ter, die 1. c. op paf;. 192 zegt: ,.Kaum ist die Specialmutterzelle entstanden, so beginnt sie bedeutend ilber die Oberflilclie der Epidermis hervorzuwachsen".

Sluiten