Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nog veel gelukkiger dan de blanke kinderen, in hunne stijf uitstaande witte jurkjes, die hen precies deden gelijken op een wandelenden inktlap, 't Waren trouwens niet de eerste negers die wij zagen: in een der vuile wijken waar wij door heen kwamen na den Hudson te zijn overgestoken, ging juist een kerk uit van niets dan kleurlingen : verscheidenen er van zóó blank en zóó net gekleed, dat het op den eersten aanblik verwonderde hen te midden der anderen te zien en in zulk eene omgeving.

Doch ik wil niet langer aan den Zondag in stad denken, dien dag welke het maar al te duidelijk maakt hoe tegen-natuurlijk de beschaving is, die ons dwingt in steden samen te leven. Steden zijn Zondags ondingen: zij zijn berekend op de drukte der week, en ook alleen dan te verdragen. Die weekdrukte is — gelijk vanzelf spreekt in een stad van 0V2 millioen inwoners — te New-York zeer groot, maar toch lang niet zóó groot als men zoude deuken. Lang niet zóó opvallend als bijv. te Londen. Daar zijn twee goede redenen voor: de meerdere breedte der straten en de betere inrichting der publieke vervoermiddelen. De groote breedte der straten van de Amerikaansche steden dagteekent niet van heden of gisteren: reeds in het eerste kwartaal der negentiende eeuw waren de stedenbouwers aan de overzijde van den Oceaan ons in ruimte van opvatting vooruit. Die meerdere breedte der straten maakt het mogelijk, zonder het overige verkeer te hinderen, dubbel tramspoor aan te leggen. En behalve de cable-cars op den grond, die weldra door electrische trams vervangen zullen worden en elkander in drukke gedeelten om de halve minuut opvolgen, heeft men nog de luchtspoorwegen. Op deze gaan 0111 de drie minuten treinen, en de stations liggen

Sluiten