Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zoodra wij dus den eersten wind krijgen na de stilte, letten wij goed op, uit welke richting de wind waait, om daardoor weder de richting van het middelpunt van den storm te bepalen.

Nu teekenen wij de plaats van het schip op de kaart aan, en trekken rechthoekig op de lijn der windrichting uit dit punt eene lijn, die de richting, waarin zich het middelpunt moet bevinden, aangeeft.

Bij iedere verandering van wind en verplaatsing van het schip, houdt men nauwkeurig aanteekening, opdat men daaruit kan opmaken, wat te vreezen of' te hopen is.

De bijgevoegde plaat, stelt zulk een depressie waaruit een orkaan bestaat, in het klein voor, doorsnede 60 Geogr. mijlen, schaal 1 : 1.500000.

De kompasstreken aan de buitenzijde geven aan, in welke richting men daar van het centrum verwijderd is, en die aan de binnenzijde van den rand, welke wind daar waait, b.v. NO van het centrum is de wind ZO, ZO van het centrum ZW, ZW van het centrum NW, en NW van het centrum ZO.

De orkaan beweegt zich van hetZOost naar het N West, dus is ZO boven en NW onder.

De welwillende lezer aan land plaatse zich in gedachten, naar volgorde in A. met het gezicht in de richting van den wind, zoodat het middelpunt van den orkaan aan de rechterhand is. Beweegt men zich nu naarmate de wind draait, telkens iets naar rechts, dat het middelpunt in dezelfde richting rechts van ons blijft, dan zal men kunnen opmerken, dat het middelpunt rechts (of achter ons om) is voorbij getrokken, in het voorbeeld hebben wij het centrum aan de linkerhand, en het gaat links achter ons om voorbij.

Na deze toelichting keeren wij tot ons onderwerp terug.

Veronderstellen wij nu, dat de wind ONO is, dan is het middelpunt van den storm 30 Geogr. Mijl ten ZZOosten

Sluiten