Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te hebben van de achterblijvenden; de zes sloepen werden aan elkaar gekoppeld, en de lange slier bewoog zich naar de landingsplaats, waar vele inlanders stonden te kijken. Wij maakten kennis met den controleur den heer de Vogel, die ons zijn in aanbouw zijnd huis voor den nacht aanbood.

De Boegineesche huizen zijn op hooge palen gebouwd, en bestaan geheel uit bamboe en riet; zij zijn zindelijk en hebben allen minstens twee kamers en eene galerij, met een' ladder, waarlangs men zich met behulp van een' neerhangenden rotan kan optrekken. Men zakt wel eens met de beenen door den vloer, maar overigens heeft men het er best. Ik ging direct een bad nemen in zee, doch toen een inlandsche visscher mij vertelde dat er daar massa's haaien waren, zwom ik ten spoedigste weêr naar wal. Tehuis gekomen zocht ieder zijn .tampat' (ligplaats) op, en de jongens zorgden voor de rest. Ons diner, samengesteld uit conserven, was vroolijk, en toch was het gevoel dat binnenkort wat ernstigs zou plaats vinden, niet gemakkelijk te verdrijven. Wij waren met ons vijven: kapitein ten Seldam, Schafer, die van Merauke bij de maréchausseés was gekomen, — Oosthout, Aerssen en ik. Er werd natuurlijk hoofdzakelijk gesproken over verschillende eventualiteiten in verband met het aanstaande gevecht, en over den Bontoe Batoe.

's Avonds bij opkomende maan, werd nog wat nagepraat aan den rand van een' put, onder de klappers, en toen trok ik naar huis om mijne nieuwe matras in te wijden.

Den 4<ten Mei begon men te 6 uren met het aanschaffen van pétékés (draagpaarden) bij de bevolking. Toen de trein in orde en de compagnie opgesteld was, namen wij afscheid van de heeren de Vogel en van Affelen, en de marsch begon in colonne met éénen. Wij werden begeleid door majoor Schütt, dokter Elderingh, kapitein Reinders en kapitein ten Seldam.

Eerst ging het door heuvelland, van waar men verge-

17

Sluiten