Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tocht met het geheel door die landen te maken. Die patrouilles ontmoetten aanvankelijk nergens weerstand, overal vriendschap; de hoofden van het verzet schenen bij Bontoe Batoe te zijn gesneuveld.

Tot ons aller diep leedwezen was er inmiddels in den toestand van Pape geene verbetering gekomen. Den ïgden Mei werd hij met verscheidene anderen naar Enrekang vervoerd. De overste en de staf gingen ook daarheen en kwamen na een tocht door eene prachtige streek, 's avonds te Enrekang aan, waar de volgende dag doorgebracht werd. Ik nam daar afscheid van den overste, van kapitein den Dooren de Jong, van Dr. Eldering en van Aerssen, die ik evenals majoor de Wijs, kapitein ten Seldam en de overige officieren der expeditie, nooit genoeg zal kunnen danken voor de groote welwillendheid welke zij mij betoond hebben, en voor alles wat zij voor mij deden.

Vóór ons vertrek gingen majoor de Wijs en ik een afscheidsbezoek brengen aan de Vorstin van Enrekang, eene oude vrouw met zeer fijne trekken. Deze nam den majoor ter zijde, en liet hem door den tolk zeggen dat zij van Donderdag op Vrijdag, dus in den „goeden" nacht, gedroomd had dat hare voorouders en de zijne, langen, langen tijd geleden, dezelfden waren geweest. „Waarom zouden zij elkaar dan doodslaan, en strijd met elkaar voeren? Het zou veel beter zijn met elkaar in vrede te leven!"

's Avonds klein bivouak te Pabetongan; den volgenden dag 23 Mei te Rappang; daar afscheid genomen van v. Slooten, van den luit. kwartiermeester v. d. Poel, en van Ardenne, die door Sawitto naar Langa moest marcheeren en die daarbij, naar ik later hoorde, weer twee dagen lang steeds door beschoten werd.

Den 2-j.sten Hepen kapitein ten Seldam en ik met dekking naar Paré Paré. Hr. Ms. Koningin Regentes bracht ons daar het volgende nieuws over: dat Sawitto vrijwel in op-

Sluiten