is toegevoegd aan uw favorieten.

Cursus in de electrotechniek voor de cadetten der artillerie en genie

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lijk uitwijkt. Door dan de plug bij den kleinsten der op den rlieostaat aanwezige weerstanden weg te nemen (of als zij er niet in is, er in te plaatsen) verkrijgt men een tweede uitwijking. Stel, deze kleinste weerstand is 1 Ohm. De eerste uitwijking is 3°,2 naar links,

3 2

de tweede 7°,G naar rechts. Men brengt dan liet „ _ de deel

3,2 + 7,0

van dien weerstand in rekening, d. i.: 0,3 Ohm.

Voorbeeld:

W bevat: W, bevat: ' Aanwijzing des galv.

50 Ohms 20 Ohms 3,2 naar links

50 » | 27 i) 7,0 » rechts

100 » 54 » 2,2 » links

100 » 55 » 1,5 » rechts

In 't eerste geval is er noodig 20,3 Ohms in VI7,

» 't tweede » » » n 54,G » » IV,

dus:

D: D = 50 : 28,3 J3= 1,78 D

4. Het vergelijken van eleelromolorische krachten volgens OiiM. Men vormt een gesloten keten, bestaande uit een element D (E. M. K. == li), een tangentenboussole en een wcerstandsbank en regelt de stroomsterkte tot de uitwijking <x ongeveer 50° is. Men vermeerdert nu den weerstand met een bedrag r, zoodanig dat de uitwijking «, ongeveer 35° bedraagt. Alsdan is:

r 1 . ,

B =-Q (cot<x, — cot«).

Men vervangt nu D door D en herhaalt de waarnemingen, d. i. men bepaalt eerst den weerstand zoodanig, dat de uitwijking li