Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Niet in alle gemeenten is Burgemeester en Wethouders zoo ruime bevoegdheid verleend, doch vastgesteld mag worden, dat in het algemeen de verordening het karakter van eene „grondwet" draagt. In Zaandam b.v. worden de bijzondere voorschriften door den raad vastgesteld.

Reglement voor de gemeentewerklieden (Zwolle), reglement voor de werklieden in dienst der gemeente (Amsterdam), reglement voor de werklieden in dienst bij de openbare werken, de gasfabriek, den reinigingsdienst, de telefooninrichting en het electriciteitsbedrijf der gemeente Arnhem, verordening tot regeling der rechtspositie der gemeentewerklieden (Zaandam), instructie voor de vaste werklieden bij de gemeentewerken te Leeuwarden, reglement voor de werklieden en daarmee gelijkgestelden in dienst bij de gemeente Haarlem enz., genoeg om met den heer Van der Kemp in zijn boven reeds aangehaald artikel in te stemmen, dat het „een onafwijsbare eisch is, dat de regeling uitdrukkelijk zegt, op wie ze van toepassing zal zijn. Iets anders toch is het te weten wie, naar het gewone spraakgebruik, een werkman, een arbeider moet genoemd worden; iets anders te definieeren, dat over de grenzen geen verschil van gevoelen kan rijzen, wanneer het op toepassing van de voorschriften aankomt." Eén punt is echter uit de opgesomde titels wel duidelijk: op ambtenaren slaan de reglementen niet. Maar dan, moet de verordening alleen den dienst regelen of de rechtspositie? Moet ze betrekking hebben op alle gemeentewerklieden, dus ook op gasthuispersoneel of brandweermannen, waarvan de mogelijkheid in den Amsterdamschen raad werd genoemd ? Of zal ze slechts van toepassing zijn op de werklieden in de gemeentebedrijven? En op welke van deze? Op de vaste arbeiders? Of ook op de tijdelijk aangestelden ? En niet op de losse en de jeugdige arbeiders? Zoo veel vragen, zooveel antwoorden bijna.

Somt men de takken van dienst in het reglement zelf op, waarop het van toepassing zal zijn, dan is zeker wel de eenvoudigste weg gekozen om de moeilijkheid te ontkomen op welken gemeentedienst het van toepassing zal zijn. Wijst men de takken van dienst in het reglement zelf niet aan, dan zal bij afzonderlijk raadsbesluit dit moeten geschieden of het kan ook aan B. en W. worden overgelaten (Alkmaar).

Geheel vrij in het aanwijzen van de werklieden, op wie het

Sluiten