Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

of door B. en W. wordt aangewezen. (Ook te Enschede, art. 17).

Art. 16. 4. Delft: „In buitengewone gevallen is ieder werkman verplicht de hem door Burgemeester en Wethouders opgedragen werkzaamheden te vervuilen."

Art. 10. Haarlem: „Zoowel tijdelijke als vaste werklieden zijn verplicht om, indien zulks door B. en W. wordt gelast werkzaamheden bij een anderen tak van dienst tijdelijk 7vaar te nemen." (Deventer, Baarn, Gouda, Alkmaar, Leiden enz.).

Uit de Amsterdamsche discussies enkele regels tot toelichting:... „Maar daar staat tegenover, dat het wezenlijke deel van elk contract moet aangeven den aard en den omvang van de praestatie, waartoe men zich verbindt. En nu wil de heer X, dat de werklieden zich zullen verbinden tot elk werk zonder eenige beperking. Ik hoop, dat de Raad de hier voorgestelde beperking zal aannemen, opdat hier niet zal kunnen bestaan de vrijheid, die particuliere patroons zich permitteeren, om van de werklieden elk werk te eischen en ze zelfs uit te leenen, maar de werkman zal weten, waartoe hij verplicht is en waartegen hij zich mag verzetten." „Laat ik dan, om de zaak eenigszins duidelijk te maken, deze vraag stellen. Neem eens aan het geval van een epidemie, waardoor vele werklieden ziek zijn, of het geval van werkstaking, waaronder een bepaalde tak van dienst zóó lijdt, dat men per se andere menschen noodig heeft. Al die takken van dienst hebben als patroon de Gemeente. Zal de gemeente het recht hebben werklieden voor een anderen tak van dienst te requireeren?" M. a. w. in de taal der vakvereenigingen: zal de gemeente-werkman ..onderkruipersdiensten" moeten verrichten? Neen, antwoord het Maastrichtsche reglement onomwonden, hij zal niet voor een werkstaker als plaatsvervanger behoeven op te treden. Het tegenovergestelde antwoord geeft Delft en andere gemeenten, want onder „buitengewone gevallen" kan werkstaking zeker gerangschikt worden. In het onzekere laat de Amsterdamsche redactie ons. Boven zagen we, dat op de aanstelling van den Amsterdamschen gemeentewerkman moet worden aangeteekend als hoedanig hij wordt aangesteld, en art. 11 vangt aldus aan: „De werkman is verplicht dit reglement en de bijzondere voorschriften, welke voor den tak van dienst, waarbij hij is aangesteld, zijn of worden vastgesteld, na te leven." Het cursief gedrukte met elkaar in verband beschouwd en onder het licht der gevoerde beraadslagingen, meen ik de gevolgtrekking te

Sluiten