Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voorwerpen, welke zij van de Gemeente in huur heeft, ten genoegen van Burgemeester en Wethouders te verzekeren tegen brandschade en de quitantie van betaalde premie jaarlijks aan Burgemeester en Wethouders over te leggen.

Art. 34. De conducteurs en bestuurders moeten in dienst voorzien zijn van het door B. en W. goedgekeurde ouderscheidingsteeken en gekleed zijn in een door hen goedgekeurde uniformkleeding.

Art. 35. (1) Van het personeel wordt een arbeidstijd van ten hoogste 115 uren in 10 dagen (etmalen) gevorderd, terwijl de elfde dag, met behoud van het volle loon, een vrije dag zal zijn. Deze regeling zal ingaan van het oogenblik, dat alle lijnen electrisch worden geëxploiteerd. De Maatschappij is echter bevoegd het personeel, wanneer het daartoe den wensch te kennen geeft, langer te doen arbeiden tegen extra loon.

(2) Dagelijks wordt aan het personeel, tusschen des voormiddags 11J uren en des namiddags 6 uren, een schaftijd verleend van ten minste 1* uur. Voor het naar en van huis gaan in den schafttijd wordt, met beperking van het aantal voor eenzelfde rijtuig", vrij vervoer op de voorbalkons toeg*estcicin.

(3) Waar in dit artikel gesproken wordt van personeel, worden uitsluitend bedoeld de bij de Maatschappij in dienst zijnde conducteurs en bestuurders.

Art. 36. (1) Ten einde de uitkeering van het gedeeltelijk

salaris bij ziekte te verzekeren, zal eene ondersteuningskas gevormd worden, gevoed door eene bijdrage van het personeel ten genoegen van Burgemeester en Wethouders en eene minstens even groote bijdrage van de Maatschappij, benevens de door het personeel bereids verbeurde of nog te verbeuren boeten.

(2) De in het eerste lid bedoelde ondersteuningskas wordt opgeheven, wanneer eene wet op de ziekteverzekering in werking treedt. Het daarin alsdan aanwezige bedrag wordt verdeeld onder het in dienst zijnde personeel in evenredigheid van ieders bijdrage in de ondersteuningskas gedurende het jaar voorafgaande aan

den dag van opheffing der kas.

(3) Indien de in het tweede lid bedoelde wettelijke uitkeering kleiner is dan het bedrag, dat het personeel uit de ondersteuningskas zou hebben ontvangen, keert de Maatschappij in elk zoodanig geval het verschil tusschen beide uitkeeringen aan den rechthebbende uit.

Sluiten