Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zelfden invloed op de kracht, waarmee een licliaam op een horizontaal steunvlak drukt.

Verbeelden wjj ons, om dit in te zien, dat de aarde stilstond en dat op een horizontaal vlak aun den aequator een lichaam geplaatst was, dat met een kracht P door de aarde wordt aangetrokken. Stelde zich vervolgens de aarde in beweging, dan zou het voorwerp zich iets van het middelpunt verwijderen, zooilat het steunvlak iets minder werd ingedrukt. De kracht P , waarmee dit vlak het lichaam naar boven drukt, zou dus kleiner worden, en dit zou voortgaan tot het verschil P — P' van de beide krachten juist voldoende was om bet lichaam in een cirkel te doen rondgaan. Daar

dan dit verschil do versnelling " moest geven, terwijl door de kracht P do

r

versnelling G wordt veroorzaakt, moet

P:(P P') = G:

r

waaruit men mot do boven voor u, r en G gegeven waarden kan afleiden

P P' = 1 /', P'= 288 P.

28!) 28!)

Do kracht P' waarmee het lichaam op bet ondersteuningsvlak drukt, kan inen bet schijnbare gewicht van het lichaam noemen, terwijl P het ware gewicht is.

Daar alle punten van liet oppervlak der aarde, behalve de polen, cirkels beschrijven, bestaat ook overal, met uitzondering van de polen, een invloed van do aswenteling zooals de bier beschrevene, maar bjj verwijdering van den aequator wordt die invloed voortdurend kleiner

§ 110. Beweging der lichamen van het zonnestelsel. Algeineene aantrekkingskracht. Een lichaam ^4 kan om een vaststaand lichaam li als middelpunt een cirkel beschrijven, als het daardoor wordt aangetrokken met een kracht van de in § 105 besproken grootte. Onder den invloed van een aantrekking naar een vast centrum kunnen evenwel ook banen van andere gedaante worden beschreven.

De waarneming heeft geleerd dat de planeten zich in ellipsen bewegen, in een van welker brandpunten de zon is geplaatst; daarbij is de snelheid des te grooter naarmate de afstand tot de zon kleiner wordt, zoodat, wanneer de ellips van Fig. 15 (blz. 21) de baan van een planeet voorstelt en F de plaats van de zon is, de snelheid een maximum zal zijn in A' en een minimum in A. (In werkelijkheid wijken de banen van de planeten veel minder van cirkels af dan de ellips van Fig. 15).

(Ito.

j

Sluiten