is toegevoegd aan uw favorieten.

Beginselen der natuurkunde

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

fk

De lijnen A E on B F snijden elkaar zoo, dat ZE= J F is.

d. Veelzijdige pyramide en kegel. Verdeelt men, door vlakken die door den top gaan, een veelzijdige pyramide in een aantal driezijdige pyramiden, dan hebben deze hun zwaartepunten in hot vlak dat evenwijdig aan het grondvlak op een afstand van dit laatste, gelijk aan een vierde van de hoogte, gebracht wordt.

Dit, in verband niet de verdeeling in dunne plaatjes evenwijdig aan het grondvlak, leert ons dat het zwaartepunt ligt op de lijn die den top met het zwaartepunt van het grondvlak verbindt, en wel op een vierde der lengte, van dit laatste punt af' gerekend. Deze stelling, die onafhankelijk is van het aantal hoekpunten, geldt ook voor een kegel.

p. Het zwaartepunt van een omwente-

tcllllff^HlinorvlnL' nf o«»n \trnnf<iliniiv1i<i)iii>im

telingsoppervlak of een omwentelingslichaam ligt op de as.

f. Het zwaartepunt van een cirkelboog ligt op een afstand , van het middelpunt, als b de lengto van den boog, k do koordo en r den straal voorstelt.

Door een cirkelsector mot don straal r te verdeden in oneindig kleine driehoeken, die hun top in het middelpunt hebben, kan men aantoonen dat zijn zwaartepunt samenvalt met dat van den cirkelboog dio in den sector met den straal ij r, concentrisch met den boog van dun sector, wordt beschreven.

Het zwaartepunt van liet gebogen oppervlak van een bolsegment of oen bolschijf ligt op liet midden van de hoogte.

Dat van een kegelvortnigen bolsector (het lichaam) met den straal r valt samen met liet zwaartepunt van het binnen den sector liggende deel van een boloppervlak, dat met den straal | r, concentrisch met het boloppervlak van den sector, beschreven wordt.

Evenals men het zwaartepunt kan aangeven bij een figuur dio uit twee andere is samengesteld, kan men dit ook doen bij een figuur die het verschil van twee andere is, waarvan de zwaartepunten bekend zjjn. Op dezo wijze bepaalt men het zwaartepunt van een afgeknotte pyramide, een afgeknotten kegel, het oppervlak van een cirkelaeginent, een bolsegment (het lichaam) en een bolschijf.

§ 165. Koppels. Onder een koppel verstaat men oen stelsel van twee evenwijdige, maar tegengesteld gerichte, gelijke krachten. Deze k.innen niet door een enkele kracht worden vervangen; immers, zulk een kracht kan een arbeid