Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wij maken nu (Fig. 3)

OF = 1

Og ■= 2

OA = 0,5; A a = 2,25 O B = 1; B 6 = 2 00 = 1,5; C e = 1,25 OD = 2

O E = 3; Ec = 4;

de door de punten F, g, a, b, c, D, e getrokken kromme lijn is dan de

verlangde meetkundige voorstelling.

Omgekeerd kan de betrekking (6) dienen om door algebraïsche beschouwingen de eigenschappen der kromme lijn te leeren kennen. Zij wordt de vergelijking van die lijn

genoemd.

Wanneer wij de in § 1 voor de volumeverandering van het water medegedeelde uitkomsten graphisch willen voorstellen, moeten wij vooreerst eene zekere lijn kiezen, waardoor wij een temperatuurverschil van 1° zullen aangeven, en dan de temperaturen door de abscissen voorstellen. Aan de ordinaten zou men vervolgens lengten kunnen geven, evenredig met de in § 1 voor het volume opgegeven waarden. Daar het echter wenschelijk is, dat de verschillen tusschen de ordinaten duidelijk uitkomen, zouden de waarden van het volume op zoo groote schaal moeten worden voorgesteld, dat de figuur ondoelmatige afmetingen zou krijgen. Men ontgaat dit bezwaar als men niet het volume zelf, maar de overmaat daarvan boven 1 door de ordinaten voorstelt, zoodat deze beantwoorden aan de getallen — 22, — 77, — 115, — 47, + 81, -f-251, enz. Door de verkregen punten kan (Fig. 4) de kromme lijn O B worden getrokken.

De uitvoering dezer constructie is het gemakkelijkst wanneer men zich van papier bedient, dat in kleine vierkantjes verdeeld is; zulk papier is in den handel verkrijgbaar.

Is eenmaal door de punten die de afzonderlijke waarnemingen

Sluiten