Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

met de dichtheden onder de genoemde gelijke omstandigheden.

Deze wet is voor de scheikundigen van groot belang, omdat zij het mogelijk maakt, molekulaire gewichten van gasvormige lichamen te bepalen. Omgekeerd kan zij ons dienen, om, wanneer wij de molekulaire formule van een gas onthouden hebben, de dichtheid daarvan in vergelijking met waterstof op te geven.

Be wet van Avogaclro geldt ook voor gasmengéls, want ook hier hangt de druk op dezelfde wijze als bij een enkel gas van de in de volume-eenheid aanwezige kinetische energie af, en bij dezelfde temperatuur is de gemiddelde kinetische energie van een molekuul in alle gassen, met elkaar gemengd of niet, even groot.

In het algemeen dus kan het aantal molekulen in de massa-eenheid van een gasvormig lichaam, dat, vergeleken met waterstof van dezelfde temperatuur en onder denzelfden

N

druk, de dichtheid d heeft, worden voorgesteld door —, als

CC

N het aantal molekulen in de massa-eenheid van die waterstof voorstelt.

In de omstandigheid dat waterstof de wetten van Boyle en Gay-Lussac op zeer weinig na volgt, heeft men grond om aan te nemen dat dit getal N bij alle temperaturen en drukkingen even groot is. Ook bij elk ander gas dat aan de bedoelde wetten gehoorzaamt, en waarvoor dus d een constante is (§ 219), moet dan het aantal molekulen onveranderlijk zijn. Maar, zoodra men waarneemt, dat, zooals bij -Ars04, d bij temperatuurverhoogiug kleiner tcordt, moet men besluiten dat het aantal molekulen is toegenomen, dat er dus een dissociatie heeft plaats gehad.

Natuurlijk sluit het kleiner worden van d in zich dat Na 04 van de wet van Gay-Lussac afwijkt en dat de druk van dat gas, als het in een vast volume is opgesloten, sneller toeneemt dan de absolute temperatuur. De zaak is deze dat de meerdere molekulen die door de dissociatie ontstaan, ieder afzonderlijk tegen den wand botsen; de snelheid waarmede zij dit doen, wordt bepaald door den regel dat de gemiddelde

Sluiten