is toegevoegd aan uw favorieten.

Het Dominicaner klooster te Zwolle

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van Doornik, begon Alanus zijn apostolaat. Met klem van redenen, nog versterkt door het bewustzijn zijner wondervolle zending, drong hij bij de geloovige scharen, die zich rondom hem verzamelden, dringend aan, om den Rozenkrans getrouw en met godsvrucht te bidden. Hij verklaarde de verhevenheid van het ,,Onze Vader" en het ,,Wees Gegroet", en zette uiteen, hoe men op verschillende wijze de overweging van Jezus' leven en lijden met deze gebeden vereenigen kon. Voor de opwekking tot een geestelijk leven, tot de navolging van Christus, was geen middel doeltreffender, voor de bestrijding van 's menschen in- en uitwendige vijanden geen wapen krachtiger dan de Rozenkrans. Wie dit gebed in de vereischte stemming bad, moest zich verzekerd houden van de voortdurende bescherming der allerheiligste Moedermaagd, en bijgevolg ook van zijn toekomstig geluk.

Alanus' krachtig, overtuigend en bezielend woord vond weerklank in de harten der geloovigen. Geleerden en ongeletterden, aanzienlijken en armen, priesters en leeken, namen het gewijde bidsnoer in de hand; de Rozenkrans werd als 't ware het boek, waaruit allen naar de mate van hun verstand en hunne godsvrucht een schat van kennis voor geest en hart verzamelden.

Zoo trok de bode der Hemelkoningin van kerk tot kerk. De nederige dorpskerk, waarvan de toren zich nauwelijks boven het geboomte verhief, zoowel als de machtige kathedraal, waarvan de bogen zich hoog welfden, weerklonken van het vurig, welsprekend woord des apostels. — Op den avond vóór Allerheiligen predikte hij o. a. voor de vergaderde kanunniken van het SintPieterskapittel te Rijssel.